“We hebben een modaal inkomen, maar voelen ons minima. We komen niet rond.”

Zojuist een berichtje op het RTL Nieuws: de prijsstijgingen raken ook middeninkomens hard. Het RTL Nieuws heeft een oproep gedaan waar ruim 3000 mensen op hebben gereageerd. Laat dit even op je inzinken: 3000 mensen. Niet om het te bagatalliseren (ha, tóch wel). Maar als je met zo’n onderzoek zou willen afstuderen dan krijg je écht de deksel op je neus.

Onderzoek begint met “is de data valide, betrouwbaar en representatief”. Nou, mensen zullen heus zelf in kunnen schatten of ze wel of niet goed rondkomen. Dus het is valide en mogelijk betrouwbaar. Representatief? Nee. Uiteraard niet. 0.0375% van de huishoudens heeft gereageerd, of 0.75% van de middeninkomens. Dat lijkt een goede steekproef. Van die groep heeft 100% het moeilijk om rond te komen. Het zou kunnen dat de overige 99% hier géén moeite mee heeft. Het zou ook kunnen van wel, maar deze mensen ontbreken uit de steekproef. Het is dus een soort self-assessment.

Volstrekt kansloos als serieus onderzoek, maar welke een leuke “headline”. En daar gaat het in het nieuws tenslotte om.

Anders gezegd, al trap ik misschien op wat zere teentjes: de mensen uit het artikel (2 leerkrachten) verdienen allebei rond de 40.000 EUR per jaar. Gezamenlijk 80.000 EUR per jaar. Met alle respect: als je dan niet kunt rondkomen is de kans vrij groot dat je daarvoor op een te grote voet hebt geleefd (ze werkten in het bedrijfsleven en hebben een stap teruggedaan in inkomen) en daar geen rekening mee hebt gehouden. Dán komen prijsstijgingen wel hard aan!

Een ander voorbeeld van journalistieke quatsch: een afgekeurd persoon en een echtgenoot met een modaal inkomen. Zij voelen zich minima. En dat is logisch: één modaal inkomen is géén modaal gezinsinkomen. Je bent dus geen “modaal gezin”, maar een gezin met een kostwinner die modaal verdient.

Men bespaard tegenwoordig op weekbladen. In mijn wereld niet bepaald een gemis, en weinig beklagenswaardig. Maar dat is mijn wereld.

Ik wil op geen enkele manier ontkennen dat mensen, en een steeds grotere groep, het lastig heeft. Maar als je nú acuut in de problemen komt (niet rond kunt komen) en dat voorheen wel kon, dan heeft dit vermoedelijk weinig te maken met de prijsstijgingen. Het heeft te maken met het idee dat je eerder góed kon rondkomen. Als je eerder precies uitkwam, of 100 EUR overhield per maand, dan was dat wellicht prima. Dan raken prijsstijgingen je hard. Maar daarvoor had je de zaakjes eigenlijk al niet zo heel goed voor elkaar…

De oplossing? Stoppen met klagen over de verwarming die naar 18C moet. Dat is een prima temperatuur en daar wen je wel aan. Geen weekbladen? De planeet is je dankbaar en “en passant” wordt je minder verleidt tot consumeren van dure dingen die in de advertenties staan. Een jaartje niet op vakantie? Supervervelend, dat snap ik. Trust me: been there, done that. Maar vakantie is geen recht – het is een luxe. Kijk eens kritisch naar wat je écht uitgeeft aan van alles en doe daar wat mee.

Lange teentjes: deze website is zwaar gecensureerd. Ik mag dat. Mensen die echt in de armoede terecht komen? Ik leef oprecht mee. Het zal ongetwijfeld niet makkelijk zijn voor velen. Maar als je met twéé middeninkomens niet kunt rondkomen, dan leef je boven je stand. Jep, makkelijk gezegd!

De moestuin begint te leveren: aardbeien!

Ondanks dat het weer de afgelopen dagen niet echt “je-van-het” was, heb ik toch al wat kunnen oogsten uit de moestuin: aardbeien. Verser dan dit zijn ze niet te krijgen. Biologischer ook niet: niets bespoten, geen netten, geen kunstmest. De teller staat inmiddels op 400 gram.

Ik schat dat er nog een anderhalve kilo aan hangt, maar de regen mag nu wel even plaatsmaken voor zon. Dan gaat het rijpen en groeien toch net iets beter dan met dit killere, natte weer: we hebben al 55mm neerslag opgevangen de afgelopen dagen.

Qua groei komt er nog meer aan: de courgettes staan in bloei en de eerste frambozen komen ook tevoorschijn aan de plant. De boontjes hebben meer warmte nodig, maar zijn toch al aardig gegroeid. De zonnebloemen doen hun best, maar hebben ook zon nodig. Vocht hebben ze voorlopig voldoende.

Verder hebben we niet veel gezaaid dit jaar, omdat we midden in de zomer een maand van huis zijn. Geen kolen, geen tomaten, geen paprika’s en geen komkommers dit jaar. Maar dus wel aardbeien.

Overigens woon ik in een huishouden waar je nooit genoeg aardbeien hebt: mijn dochters hebben afgelopen weekend flink huisgehouden bij vrienden, die per ongeluk een kilo teveel gekocht hadden. Laat dat maar aan de dames over! Zelf lusten we het natuurlijk ook graag. Alleen mijn zoon denkt nog dat hij geen aardbeien lust. Maar dan wel aardbeienjam…

Vogelrijkdom

Zoals de vaste lezers wel weten, ben ik nogal een natuurnerd. Ik hou er van: veel verschillende planten, eten uit de eigen tuin en veel verschillend leven in de tuin.

Enkele jaren geleden kochten we dit huis en het was eigenlijk een soort van dorre woestijn. Er stond één grote boom, kaalgevreten buxus en een gazon. Dat was de plantenrijkdom hier in de tuin. In de eerste maanden zagen we dan ook niet veel beestjes: er was weinig interessants te vinden.

Al snel hebben we de tuin een beetje aangepakt. Het was namelijk nog zomer, en we wilden vast iets aan planten hebben voordat we de herst in gingen. Grote borders zijn gemaakt, de dode heggen zijn weggehaald en we hebben veel planten uit de oude tuin meegenomen.

Inmiddels groeit er (enorme) rozemarijn, tijm, salie, acanthus, hortensia’s, vuurpijlen, bieslook, look-zonder-look, hibiscus, rododendrons, vlinderstruiken, skimea, olijfbomen, druiven, frambozen, kiwi’s, aardbeien, judasbomen, dropplant, meisjesogen en nog veel en veel meer.

Dit heeft een énorm effect. Onze tuin staat volop in het leven. Egels, padden, verschillende soorten hommels en bijen, vleermuizen en natuurlijk vogels.

En ik ben dol op vogels. Het begon met wat koolmeesjes en musjes, later een mereltje.
Inmiddels hebben we heel veel regelmatige gasten: kauwtjes, eksters, houtduif, tortelduif, koolmees, pimpelmees, Grote Bonte Specht, sperwer (ok, niet regelmatig), merels, huismus, heggenmus, roodborstje en sinds dit jaar ook groenlingen en witte kwikstaart. En ook mijn favoriete vogel: de Gaai.
15 soorten dus, die elkaar soms fel bevechten. De kauwtjes en eksters houden elkaar vaak bezig, en soms zijn ze allemaal opeens weg door een langsvliegende sperwer. Ook vliegen er vrijwel dagelijks ooievaars over ons huis en horen we regelmatig de roep van buizerds. Fantastisch!

De tuin wordt dan ook steeds vogelvriendelijker. De struiken worden groter en de ondergroei wilder. Dat wil zeggen: de borders worden volgestrooid met blad, waar veel insecten in zitten. En dat levert weer veel voedsel op. Ik denk dat de vogels onze tuin ook prettig vinden: er is hier geen kat te bekennen. De hond is vaak buiten en geeft niets om vogeltjes. Maar doet nog net zijn ogen open voor een kat. En ook de achterburen hebben een hond. En dus geen katten in de tuin.

Waarom ik vogels zo leuk vind? Geen idee. Gister zag ik 2 kwikstaartjes met elkaar bakkeleien. Het is fascinerend. Vogels eten enorme hoeveelheden insecten op, en voorkomen daarmee plaagdieren. Maar ook eten ze veel onkruidzaadjes. De musjes gaan vaak in het zand liggen en nemen een “zandbad”. Schattig!

Wat heb jij hier aan? He-le-maal niets. Sorry!

Klushuis-koopgids: kijk er doorheen!

De guilty pleasures hier zijn weer volop “aan”: ‘kopen zonder kijken’ én ‘voor hetzelfde geld’ zijn weer op tv. Ideaal voor de Geldsnor om zich te verwonderen over de wondere wereld van de mensen die meedoen.

Gemene deler bij alle Kopen zonder Kijken-deelnemers: ze hebben allemaal 2 linkerhanden. Daar word ik altijd een beetje allergisch van, want in mijn optiek is dat een keuze. Als je nooit een hamer oppakt zul je niet leren timmeren. Als je elektriciteit spannend vind, dan is een stopcontact plaatsen al een heel karwei en als je zelfs laminaat leggen al verbouwen vind. Tsja, dan wordt het lastig.

Bij “voor hetzelfde geld” is het net iets anders: hier zitten mensen tussen die doorgaans in de grote stad wonen en buiten de stad gaan wonen. Meestal met een volledig waanzinnig wereldbeeld: zo kun je een vrachtwagenchauffeur hebben uit Almere, die met zijn vriendin gaat kijken naar een woning in Groningen, Friesland en Drenthe. En vasthoudt aan per se in Almere willen blijven werken. Lieve mensen, uit ervaring kan ik je vertellen: het is niet te doen om elke dag 4 uur in de auto te zitten voor woon-werkverkeer. Nog los van de kosten. Met 260km per dag kost je dit ongeveer 15.000 EUR per jaar. Dat is méér dan je hypotheek op een huis van 4 ton, waar nog alles aan gedaan moet worden.

Maar goed. Ik kijk dus altijd met verbazing, en daarom is het zo leuk. Wat valt mij op, als doorgewinterd klusser? Dat dus de meeste mensen linkerhanden hebben (en rechtshandig zijn). En dat ze daardoor volledig de weg kwijt raken door hoe een huis er uitziet.

Daarom heb ik wat dingen op een rij gezet waar je naar moet kijken als je een huis koopt en niet van moet schrikken. En een categorie met dingen waar je wél goed naar moet kijken maar dan weer nauwelijks opvalt.

Waar moet je doorheen kijken?

Meestal zijn het cosmetische dingen. Waarom moet je hier doorheen kijken? Omdat hier de uren niet in gaan zitten. Slopen van dingen is eenvoudig, maar ook het aanbrengen van wandjes is tamelijk eenvoudig met de hulp van youtube filmpjes. Zo heb je voor een gipsplafondje, een scheidingswandje of een Ytong-bouwwerkje echt geen externe hulp nodig. Het wordt anders als er sprake is van veiligheidssituaties. Zo werk ik nóóit aan gasleidingen, en ook niet aan elektriciteit in de meterkast. Alles buiten de meterkast wél. Maar dat komt in het volgende hoofdstuk.

Schrootjes, om daar maar eens mee te beginnen. Het is, laten we zeggen, smaakgevoelig. Maar er gaan echt nauwelijks kosten in zitten. Het verwijderen van de schrootjes kost je een halve dag en je hebt niet meer nodig dan een koevoet en een klauwhamer. Rechterhanden heb je er niet voor nodig, hooguit een stofbril en werkhandschoenen. En eventueel een bouwcontainer om het af te voeren.

Muren doorbreken. Nog zoiets. Mensen vinden dit vaak heel spannend. Dat kan het bij een dragende muur ook zijn. Laat bij een dragende muur een constructieberekening maken (als je dit niet zelf kunt). En bestel dan je draagbalk. Knappe balk die méér dan een paar honderd euro kost. Het uitbreken van de muur kost je met een gehuurd apparaat een paar tientjes en de stempels om het plafond tijdelijk te ondersteunen een paar euro per dag.

Isoleren van het dak en vloer. Een vreselijk rotwerkje, maar het zijn vooral uren die je kwijt bent. Het materiaal is goedkoop, het werk op zichzelf relatief eenvoudig. Maar niet veel mensen vinden kruipruimtes of zolders prettige verblijfsplaatsen, en daarom zijn de tarieven vrij hoog. En daar kun jij dus makkelijk besparen.

CV-ketels. Nee, die ga je NIET zelf vervangen! Maar een nieuwe CV-ketel kost je minder dan 2000 EUR inclusief installatie. Dat is dus geen overweging bij het al dan niet kopen van een nieuw huis á 400.000 EUR. Hetzelfde geldt voor het aanleggen van vloerverwarming: het infrezen van vloerverwarming kost je misschien 3.000 EUR, inclusief de slangen en de pomp. Hoe kom ik hierbij? Enkele jaren geleden kostte het mij 2500 EUR, voor een oppervlakte van 90m2 (benedenverdieping). Kan ik dit zelf? Nope! Maar het is geen reden om je droomhuis te laten schieten!

Asbest. Voor veel mensen héél spannend, maar het is goed te (laten) verwijderen. Afhankelijk van waar het zit overigens. Maar meer dan een paar duizend EUR ben je meestal niet kwijt. En als je toch al het dak moest isoleren, valt het goed mee.

Stucwerk. Niet mooi, die gegranolde muren. Maar bekijk het holistisch: de kans is in een huis met ouder stucwerk bijna 100% dat je van alles gaat doen met je muren. Muren weghalen, tussenwanden plaatsen, elektra infrezen, nieuwe centraldozen etc: een stucadoor heb je toch nodig. Of het oude nu mooi is of niet, doet er totaal niet toe.

Keukens & badkamers : of die keuken nu 10 jaar oud is of 20 jaar oud of 30 jaar oud…Als het je smaak niet is, wil je het er uit hebben. Liever heb je zelfs een hele oude keuken, die je zonder “schuldgevoel” er uit kunt slopen. Anders val je in de valkuil dat je “de keuken/badkamer nog prima vindt” en dit later nog wel doet. En dan is het duurder, ingewikkelder en irritant omdat je er ook woont.

Waar moet je niet doorheen kijken?

Het eerste wat je doet als je een woning bekijkt is de meterkast bekijken. Ok? Onthouden? Yes! Wat is belangrijk? Je wilt een 3-fase aansluiting (3x 25A), 1 aardlekschakelaar per 4 verbruiksgroepen en geen keramische stoppen. Als je wel keramische stoppen hebt betekent dit dat je de gehele meterkast laat vervangen. Dat kun je niet zelf, dat wil je niet zelf en dat mag je niet zelf.

Vervolgens kijk je naar de gasmeter en de watermeter. Zijn deze recentelijk vernieuwd? Indien niet, dan is dit geen probleem. Maar vooral bij de watermeter even kijken of deze niet lekt (dat gebeurt wel eens aan de randen) en hoeveel capaciteit deze heeft. Om het zo te stellen: een regendouche heeft weinig zin in je badkamer als er niet voldoende waterdruk is! Niet direct een probleem, maar bij een eventuele aankoop wil je het weten voordat je de badkamer verbouwd en de regendouche selecteert.

Dan ga je kijken naar de elektra in het huis. Opbouw stopcontacten betekent véél werk, want ik acht de kans groot dat je het stopcontact ingebouwd wilt hebben. Bekijk ook of er al sprake is van randaarde: dat zijn die metalen pennetjes in het stopcontact. Die zorgen dat bij een lekstroom de aardlekschakelaar wordt geactiveerd. Da’s veilig: dan vliegt die hele groep (alle 4) er uit die beveiligd worden door deze aardlekschakelaar. Geen randaarde betekent héél véél extra werk. Want als je het huis opnieuw gaat opbouwen met alle moderne dingetjes, dan wil je gewoon een geaard stopcontact. Overal, altijd, zonder uitzondering.

In een huis zónder randaarde moet je eigenlijk meteen het volgende bedenken: alle plekken van stopcontacten zijn zinloos en dus flexibel. Je bent volledig vrij. Want je zult alles er uit (willen) halen en óveral nieuwe stopcontacten plaatsen. Hiervoor ga je frezen en hakken in de muren (dat kost weinig), en nieuwe PVC-buizen leggen waar dit noodzakelijk is. Dit kan op meer plekken zijn dan je denkt: de oude stopcontacten hadden immers één draad minder (want geen aarde), dus het is niet gezegd dat jij de 5 draden er doorheen getrokken krijgt, waar er eerst maar 4 liepen.

Iedereen die bovenstaande meteen begrijpt, hoefde dit al niet te lezen, want jij weet waarom er (soms) 5 draden in zitten, en niet 2 of 3. Voor iedereen die dit niet weet: vraag het in de comments ;-).

Zoals je ziet is bovenstaande heel veel werk. En heel veel werk waar je niet voor geleerd hoeft te hebben: gleuven frezen op de juiste inbouwhoogtes en gaten boren op de juiste plekken is geen specialistisch werk. Het trekken van het draad ook niet per se. Ik doe dat mééstal zelf, maar niet altijd. Sowieso is draden trekken een klusje voor 2 personen: lange draden die door buizen moeten met veel bochten vereist enorm veel kracht en je wilt de draad dus goed invoeren en duwen.

Wat je nodig hebt? Een buigveer (om de PVC-buizen te buigen in bochten), een low-friction pvc buis (geloof me: dit wíl je!) en low-friction draad. Met de juiste kleuren uiteraard. En natuurlijk lasdozen voor in de centraaldoos. Deze zet je er áltijd op, ook al is de draad niet aangesloten in de meterkast. En kleurtje bij kleurtje, dus je stopt geen blauwe en bruine draad in dezelfde lasdoos. Dit bespaard je simpelweg heel veel uren van de elektricien, die je wel laat komen om de aansluitingen in de meterkast te maken, en waarmee je vooraf overleg hebt gehad “welke-groep-waar-komt”. Dan weet hij/zij hoe deze het best over de 3 fasen verdeeld kan worden in de meterkast. Enfin, hier laat ik het bij, want het is geen klusforum.

Verder wil je nog kijken naar eventuele funderingsproblemen. Die zul je als leek (of zelfs als expert) niet altijd kunnen zien, maar scheuren in de muren zijn een duidelijk signaal. Dit zijn dure problemen om op te lossen en heel moeilijk in te schatten vooraf (qua kosten).

Idem dito voor vocht. Schimmel in de badkamer is niet zo’n probleem op het plafond. Kwestie van beter ventileren. Maar vochtig behang en muren duidt op andere problemen, zoals vochtdoorslag uit de muren of het dak.

Voorts kijk je naar de kozijnen en het glas. Is het glas ouder dan 20-25 jaar (productiedatum staat in de aluminiumrand tussen de 2 ruiten)…Dan is het aan vervanging toe. Laat je niets wijsmaken door een makelaar die aangeeft dat het nog uitstekend functioneert en dát het dubbelglas is.

Verder wil je weten hoe het in de verf staat, in diverse gradaties: net geverfd – poosje geleden geverfd – oud, met eerst scheurtjes/lijntjes – oud, met eerste rotte plekken – totaal verrot.
Alles vanaf het tweede niveau betekent dat je moet overwegen of het niet vervangen moet worden. In combinatie met enkel glas: altijd vervangen en direct voor triple-glas gaan. De meerkosten zijn relatief minimaal tov. HR++ glas, en anders ben je weer 20 jaar verder. Stelregel: één kozijn vervangen kost je ~2000 EUR. Dat is redelijk ongeacht de grootte, want het glas zelf kost vrijwel niets. Als stelregel is het heel aardig. Een voordeur kost je 2000-4000 EUR, een nieuw dakraam 1000 EUR of 3500 voor een studio-dakraam.

Het dak. Een nieuw pannendak is minder spannend dan de meeste mensen denken (denk aan 10.000 EUR of aanzienlijk minder als je het zelf kunt). Maar dat is wel afhankelijk van de staat. Rotte draagbalken maken het een specialistenklus. En ook zonder rotte draagbalken is het een karwei wat je liever overlaat aan ervaren mensen. Zij hebben valbescherming en werken 3-10x zo snel als jij, met meer zekerheid. Maar als het dak er tóch afmoet: isoleer het meteen volledig en goed. En bedenk dan dat je eventueel met de buren moet overleggen.

Brengt me meteen bij de buren: bedenk vooral goed of je daar naast wilt wonen. Moeilijk in te schatten en vooral een kwestie van smaak. Persoonlijk zou ik geen huis kopen naast iemand met een “sportieve auto” (herrie), een bordje “hier waakt X” of iemand met een Monuta-tuintje, Yarden-monument of Dela-sfeer. Bekijk ook goed je parkeermogelijkheden en bagataliseer dit niet. Als je een caravan hebt en deze niet kort bij huis kwijt wilt, dan is dat stomweg vervelend. Praat dit niet goed door “het is maar 1x per jaar” te roepen. Want je ergert je 2x per jaar het schompes (je komt ook terug, weet je wel?).

Nog iets: houdt rekening met je energierekening. Een duurder huis lijkt wellicht duurder, maar als dit beter geïsoleerd is (ook in “finale toestand”, een jaren ’30 woning zal nooit 2022-isolatie hebben) kan het toch goedkoper zijn. Houdt hierbij ook rekening met de ligging van het dak of de daken: alles van Oost naar west richting zuid is gunstig. Maar ook NW en NO zijn tegenwoordig prima. Zuiver noord is volstrekt ongeschikt voor zonnepanelen.

De beste tip, al zeg ik het zelf: bekijk het huis primair op de plattegrond, voordat je gaat bezichtigen. Bekijk hoe licht het is, en wat de ruimtes doen met dat licht gedurende de dag. Teken je meubels in, looppaden etc. Voelt dit goed en ruim genoeg? Ga dán pas bezichtigen, met bovenstaande in je hoofd.

Maar laat je niet afschrikken of overweldigen door cosmetische problemen of uitwassen. Die zeggen niets over het onderliggende geheel en wat je er aan moet doen. Een stucadoor heeft voor een paar duizend euro je hele huis prachtig gestuuct – maar het is niet meer dan make-up. Het licht de mooiste dingen uit, beschermd tegen interne elementen en verbloemt het lelijke. Dat kun je altijd nog doen – nadat je alle leidingen hebt ingefreesd en alles een plekje hebt gegeven.

Ow, en mag ik nog één tip geven? Hou op met die visgraat-vloeren en zwart-stalen kozijnen. Dat is een trend van de laatste jaren, maar zal later net zo gedateerd ogen als de huidige schrootjes, of zwart-met-appeltjes-groene badkamer.

Prijsverhogingen sigaretten: lager dan huidige inflatie

Het is 1 juni als ik dit typ. En vandaag (1 juni dus) is de dag dat aangekondigd wordt dat een pakje sigaretten in 2040 maar liefst 47 EUR moet gaan kosten. Dat lijkt een forse stijging: vandaag de dag kost een pakje sigaretten 8.20 EUR voor een standaardverpakking.

Een en ander heeft natuurlijk het doel om roken te ontmoedigen. Zo simpel werkt het natuurlijk niet: rokers zijn verslaafd en zullen gewoon sigaretten blijven kopen. Wellicht is het wel effectief voor de nieuwe generatie: het voorkomt dat jongeren er geld voor hebben. En tegelijkertijd maakt dit het wellicht tot statussymbool: kijk eens hoe rijk ík ben?! Ik kan roken!

Anyway: de prijsverhoging is helemaal niet zo schokkend. Als je vanaf nu de prijs ieder jaar met 10% verhoogd kom je uit op 45.59 EUR in 2040. Dat is lager dan de huidige inflatie met 10.2%.

In historisch perspectief valt het zeker mee: in 1985 kostte een pakje sigaretten 1.88 EUR (omgerekend uiteraard), in 1995 2.3 EUR. Dat was een gemiddelde stijging van 2 procent per jaar (met enkele jaren geen enkele stijging). Na 1995 bedroeg de prijsstijging gemiddeld 9 procent per jaar. In de jaren na 2000 (toen een pakje 3.21 EUR kostte) was de prijsstijging meer dan 11 procent per jaar.

Tussen 2005 en 2010 was de prijsstijging per jaar “slechts 3.7%”, gevolgd door tien jaar lang Rutte-beleid met slechts 1.8% stijging per jaar…Pas in 2020 is er een inhaalslag gemaakt: de prijs voor sigaretten steeg met 14% tot 8.20 EUR (en is in 2022 gelijk gebleven).

Als we vanaf het jaar 2000 de algemene inflatie hadden toegepast op sigaretten (excel geeft nu een cirkelredenering: sigaretten zijn uiteraard onderdeel van de algemene inflatie, maar kniesoor die daar op let)…Dan had een pakje sigaretten nu reeds 8.67 EUR gekost. Bijna 6% méér dan het huidige prijsniveau.

Als we de prijsstijgingen van het begin van de eeuw hadden genomen (de genoemde ruim 11%), dan had een pakje reeds 29 EUR gekost. Nouja, 28.95 om exact te zijn.

Moraal van het verhaal: een bedrag in de toekomst noemen LIJKT heel spectaculair maar is dat niet per se.

Op naar een tiende maand > 10.000 bezoekers?

Ik heb er al vaker over geblogd, want ik maak er geen geheim van: de bezoekersaantallen van mijn blog. Oorspronkelijk begonnen om simpelweg mijn hersenspinsels een plekje te geven – maar inmiddels toch wel een leuke hobby. En ik ben stiekem (nouja, niet stiekem) toch wel blij met de bezoekersaantallen!

Afgelopen maand was de 9e maand op rij met meer dan 10.000 bezoekers. Ik ben in het verleden niet altijd even consistent geweest in de definitie van bezoekers denk ik en heb ook wel eens het aantal paginavertoningen genoemd als het aantal bezoekers. Om dat een beetje consistent te houden, gebruik ik dat nu weer.

Een mooi rijtje vanaf september 2021. Eigenlijk had alleen augustus weinig verkeer: net geen 8000 pagina’s.

De afgelopen maand was een topmaand. Hoewel het aantal bezoekers veel kleiner was dan de maanden ervoor, ben ik er zeer content mee. Want in de wintermaanden is er (bijzonder) veel gezocht op termen als gasverbruik bij het douchen en besparen op warm water. In mei was dit minder relevant: het nieuwtje voor de meeste mensen is er nu vanaf en gasverbruik is nu eenmaal niet zo belangrijk in het zomerhalfjaar.

Grappig om te zien is dat een aantal blogposts verrassend goed scoorde: mijn blogpost over de 2000 EUR per maand is 700x gelezen op één dag. Een blogpost die minder dan een half uur kostte om te typen!
Een andere post, die véél meer tijd kostte (namelijk: de aanpassing van de salderingsregeling) 620 keer. En een blogpost die me nog geen 5 minuten heeft gekost nog altijd 450x (iets met een oranje lampje…). Misschien moet ik vooral korte, niet al te diepgaande artikelen schrijven?

Herkomst van bezoekers

Veruit de meeste bezoekers komen “direct” op de site. Dat zijn mensen die de URL direct intypen of een bookmark hebben, of automatische suggesties van Google (die het adres aanvult in de adresbalk als je geldsnor intypt). De rest komt via Google met 2470 verwijzingen, 1400 via sociale kanalen (meestal Blogger sites) en een kleine 700 via referrals (andere verwijzende websites). Dank daarvoor!

Search Engine Optimization

Dit blog is niet woest geoptimaliseerd voor zoekmachines. Daar moet ik misschien iets mee doen. Misschien ook niet. Er wordt per maand meer dan 10.000 keer gezocht op google naar “douwe egberts punten” en met wat varianten er bij zelfs meer dan 15.000 keer. Toch krijg ik maar een fractie van dat verkeer – ondanks de vertoningen op de eerste pagina in de zoekindex.

Aan de andere kant is deze site een hobby. Geen geldverdienmachine. De baten zijn net voldoende om de kosten te dekken, en dat is prima. Aan de andere kant hoop ik een grotere invloed te hebben. Noem het overmoed. Maar er is zovéél onwetendheid over mijn “paradepaardjes” (energie) dat ik toch hoop daar een groter publiek mee te kunnen bereiken.

Ik ga dus wel het een en ander aanpassen. Maar niet zoveel, en niets waar jullie direct iets van merken. Wees gerust. Ik ga géén cursussen aanbieden, al voel ik wel een fileer-blogpost aankomen over het aanbod van “cursussen” van sommige bloggers. Maar ik weet nog niet of ik me daar écht aan ga wagen. Al staat het in concept al klaar…

Voor de doelstellingen dit jaar: vorig jaar had ik 182.852 pageviews. Daarvan waren er 74749 in de eerste 5 maanden van dat jaar. Dit jaar ligt het niveau bijna 13.000 hoger. Als ik dat extrapoleer kom ik op 208.000. Lijkt me een mooi aantal.

Laat ik het zo zeggen: ik zag onlangs iemand op LinkedIn blij verkondigen dat hun bedrijfssite (wat hun primaire business is) 10.000 bezoekers opleverde. Dan doe ik het zo slecht nog niet, tussen de bedrijven door ;-).

Een slimme diepvries. Wát een idee!

Eerder deze week blogte ik over mijn oranje lampje…De “snel-invriesfunctie” van mijn diepvries bleek al onbepaalde tijd aan te staan. Dat betekent dat mijn diepvries mogelijk al geruime tijd veel te koud was.

Op dit artikel kwam een interessante reactie, van iemand die op zoek was naar een slimme diepvries. Immers, met een diepvries kun je “spelen” met de temperatuur. Het is niet slechter voor je spulletjes in de diepvries om ze te bewaren bij -27 (het koudste wat mijn diepvries wordt) dan bij -18 voor zover ik na kan gaan.

In potentie leent een diepvries zich daarmee heel prima voor het “bufferen” van energie. En omdat iedereen een diepvries heeft (al zijn er vast uitzonderingen), kan dit in potentie best veel opleveren. Laten we even wat cijfertjes in duiken!

Het verbruik van de diepvries met de snel-invries-stand

Uiteraard heb ik de proef op de som genomen, door te kijken wat het verbruik is van de diepvries als de “turbo” aan staat. Het vermogen schoot omhoog met 50W. Omdat ik dit deed op het “rustigste” moment in mijn huishouden is dit zeer waarschijnlijk volledig toe te schrijven aan deze turbo-stand. Voor de zekerheid heb ik het een aantal keer herhaald, en de 50W bleef overeind staan.

Met andere woorden: op een volledige dag is dit 1.2kwh. 438kWh per jaar éxtra. Dat is best fors.

Hoeveel kun je daarmee invriezen?

Hier wordt het wat ingewikkelder en ik hoop dat ik geen al te grote fouten maak. Eerst moet er even iets uitgelegd worden:

Vermogen wordt gemeten in Watt. Dit is de eenheid voor Joule per seconde. De diepvries verbruikt dus 50 Joule per seconde. Omdat een uur bestaat uit 3600 secondes (60 minuten * 60 seconden), is dit verbruik 180.000 joule per uur. Om het makkelijk te maken: 180 kilojoule (kJ).

Dan het volgende: bevriezen is géén eenvoudig concept. Het is een fase-verandering. En zoals iedereen die ooit met fase-veranderingen te maken heeft, gaat dit gepaard met véél energie. Anders gezegd: water gedraagt zich volledig anders in bevroren toestand ten opzichte van vloeibare en gasvormige toestand. En niet alleen op het gebied van de vluchtigheid – ook qua energie-inhoud.

Water neemt per gram ongeveer 4,19 joule energie op om 1 graad warmer te worden. Andersom heb je evenveel energie nodig om het zo ver af te laten koelen. Maar, zodra het 0-punt bereikt wordt, veranderd dit! Om het water te laten bevriezen vanaf 0 graden heb je 334J nodig per gram water nodig (hierdoor zijn ijsblokjes zó efficiënt in het laten koelen van je drankje!)

Daarna is het getransformeerd in ijs. En is de warmtecapaciteit opeens nog maar 2,2: om ijs 1 graad kouder te laten worden moet je dus 2,2 joule warmte onttrekken.

Ingewikkeld tot zover? Nee? Mooi! Want nu krijgen we nog het verschil tussen thermisch vermogen en elektrisch vermogen

Thermisch vermogen & elektrisch vermogen

Zoals eerder gesteld bedraagt het verhoogde verbruik 50W. Dat is het “elektrisch vermogen”. Zoveel elektriciteit wordt er opgenomen door de vriezer. Maar, een vriezer is simpelweg een warmtepomp. Deze heeft een bepaalde “efficiency” die bij warmtepompen COP wordt genoemd: de Coeffecient of Performance.

Een warmtepomp werkt met een vloeistof die zelf een fase-verandering ondergaat. De pomp zorgt niet voor de afkoeling zelf, maar voor het comprimeren van het gas in een vloeistof, die vervolgens warmte opneemt en naar buitenstroomt. Daar wordt deze warmte aan de achterkant van het apparaat afgegeven en door de pomp weer gecomprimeerd. Met 50W elektrisch vermogen wordt er wel 200W thermisch vermogen onttrokken.

Terug naar de invries-hoeveelheden

Met behulp van bovenstaande informatie kun je narekenen dat het 457,4 Joule energie kost om één gram water af te koelen van 20 graden celsius tot -18 celsius.
Immers: van 20 = 20* 4,19. Bevriezen kost 334 J. En vervolgens van 0 naar -18 = 18*2,2. Maakt samen 457,4 Joule.
Om dit met 1 liter water te doen is eenvoudig: plak overal een “k” voor en je bent klaar (een liter water is immers 1000 gram).

We weten ook dat 50 watt hetzelfde is als 50 joule per seconde. En dat de “COP” 4 is. Het thermisch vermogen is dus 200 joule per seconde. In slechts 2,29 seconde zal 1 gram water volledig afgekoeld zijn tot -18C. Echter, voor één liter water duurt dit 1000 keer zo lang: 2287 seconden. Iets meer dan 38 minuten.

Om deze zelfde hoeveelheid in te vriezen tot -27 duurt slechts iets langer. De zogenaamde “delta T”, het temperatuurverschil, is slechts 9 graden en kost (omdat het ijs is) slechts 20 joule extra.

Dit is de maximale buffercapaciteit.

De maximale buffercapaciteit

Zoals gezegd is de maximale buffercapaciteit slechts het verschil tussen de standaard -18 en de extra koude -27 celsius. 20 kJ per kilogram ijs.

Maar hoeveel ijs zit er in de diepvries? Laten we uitgaan van 30 kilogram. Dit klinkt misschien als weinig, maar bedenk dan dit dit meer dan 50 broden zijn (niet al het gewicht is “water”-equivalent).

Met 30kg ijs kunnen we 600 kJ bufferen. En helaas: dat is slechts 167Wh, of 0,167kWh. Met dezelfde COP van 4 is dit minder dan één uur “werk” voor de pomp.

Dit lijkt wellicht weinig. En op individueel niveau is dit ook weinig. Met 8 miljoen huishoudens is dit 1.336.000kWh. 1336MWh ofwel 1,34 GWh: net iets meer dan een half procent van de hoeveelheid groene energie op een goede dag.

Then again: het idee is aantrekkelijk. Want ook al klinkt een half procent niet als heel veel: het voorkomt het inzetten van de diepvries op momenten dat de stroom schaarser is (en dus vervuilender). Namelijk in de avond. Pas in de nacht (of zelfs de volgende ochtend) zou de diepvries weer in werking treden.

Als je hiermee teruglevering kunt voorkomen (van je zonnepanelen) of kunt profiteren van lage tarieven door het vermijden van de hoge tarieven kan de besparing toch oplopen tot een goede 20 EUR per jaar.

Toegegeven: dat is véél te weinig om het “werkbaar” te maken. Maar als iemand een stukje elektronica in elkaar kan zetten wat minder dan 100 EUR kost, dan is de terugverdientijd een jaartje of 5. Het enige wat je nodig hebt is een temperatuursensor in de diepvries, gekoppeld aan je stopcontact waarmee de vriezer automatisch inschakelt bij een te hoge temperatuur.

Een iets slimmer apparaat zou 2 standen hebben en in de nacht of op dure momenten de vriezer op het meest gunstige niveau houden en op goedkopere momenten maximaal laten koelen.

Noot: in de praktijk zal het meer energie kosten om te koelen tot -27C, omdat het temperatuurverschil groter wordt en er dus meer “lekkage” is, wat ook weer “gekoeld” moet worden.

Corekees & Lendahand updates

Los van mijn “traditionele” beleggingsportefeuille, de aflossingen op het huis en de pensioeninvesteringen, beleg ik ook (bescheiden) in alternatieve methodes. Dit zijn geen crypto-currency’s of andere hoogvliegende quatsch, maar in bomen en 3e-wereld crowdfunding.

Laten we met de eerste beginnen: Corekees.

Corekees: de update

Ik ben met Corekees begonnen naar aanleiding van een blogpost van “m.i.a.”-blogger Stoppenvoormijnvijftigste. In den beginne had Corekees een referral-programma, maar inmiddels niet meer. Jammer, want dit heeft mij toch mooi 5 bomen opgeleverd.

Het principe is vrij eenvoudig: je koopt een obligatie, ter waarde van 20 EUR. Deze 20 EUR behelst de kosten voor het planten en de grond, tot het geld begin op te leveren. Hiervoor gebruiken ze een boom, de Pongamia-boom. Deze wordt voor 20 jaar “geleased” en wordt daarna eigendom van de lokale bevolking. Deze bomen leveren olie op door het persen van de noten/bonen en de pulp hiervan wordt veevoer. Een mooi initiatief.

Inmiddels heb ik 67 bomen in mijn “bezit”. Het heeft nog niets opgeleverd: de oudste bomen beginnen pas volgend jaar hun eerste oogst te leveren. Leuk feitje: er zijn tot nu toe 30.000 bomen geplant. Ongeveer een kwart procent is hiervan aan de Geldsnor toe te schrijven. Immers: ik kreeg een boom cadeau als iemand anders een boom kocht. Dus zijn er al meer dan 72 bomen toe te schrijven aan “moi”!

Met het lanceren van het nieuwe platform (vooral een nieuwe site) ben ik gestopt met het regulier aankopen van nieuwe bomen. Het was namelijk enkele maanden niet mogelijk.
Inmiddels koop ik er weer af en toe eentje.

Waar ik he-le-maal niets van snap, is de waardeberekening. Deze is volgens Corekees nu 1130 EUR.
Dit komt niet overeen met de geïnvesteerde bedragen, maar ook niet overeen met welke contante-waarde-berekening dan ook. Het is dus een beetje gissen. Normaliter zou je verwachten dat ze méér waard worden als de eerste 3 jaar zonder inkomsten bijna achter je liggen en er dus meteen (letterlijk) vruchten van geplukt kunnen worden?

Het zou verder nog een leuke toevoeging zijn als ze er voor kiezen om de obligaties ook vrij verhandelbaar te maken. Ik snap dat dit ten koste kan gaan van het aantal nieuwe bomen. Maar het maakt het wellicht ook aantrekkelijker om in te stappen. Immers, anders ligt je geld voor 20 jaar vast. Daar zit niet iedereen op te wachten.

Lendahand: de update

Ook met dank aan andere bloggers en een leuke diversificatie: Lendahand. Hier heb ik inmiddels 400 EUR uitstaan. Klein bier, maar wel mooi “derisked”. 50 EUR is namelijk te danken aan het feit dat anderen mijn referral-code (3EAA-WP7U-REFW) hebben gebruikt :-). Dank daarvoor.

Ook zijn de eerste rente-betalingen inmiddels gedaan. Van de genoemde 400 EUR is nog maar 347 EUR risico-dragend. Een te overzien bedrag.

Waarom het niet meer is? Ten eerste omdat het uitprobeersels zijn. Tot op heden gaat het goed. Maar met meer projecten zal er ook meer mis gaan in de toekomst.

Maar vooral: ik ben zéér kritisch in welke projecten ik wel of geen geld steek. Zo steek ik geen geld in projecten tbv. de uitbreiding van veestapels of “werkkapitaal”. Voornamelijk “groene energie” projecten in ontwikkelingslanden. Dit maakt de spoeling dunner, omdat de meeste projecten afvallen.

Het platform werkt verder prima, daar heb ik weinig op aan te merken. Meer projecten zou een prettige bijkomstigheid zijn: soms is er dagen of wekenlang niks nieuws.

De full-disclosure:

Mocht het wat moeilijk zijn om tussen de regels door te lezen:

  1. Ik ben investeerder via Corekees. Ik heb verder geen belang bij Corekees. Maar ik gun ze veel bomen, omdat ik geloof in het verhaal.
  2. Ik investeer via Lendahand
  3. Deze blogpost dient een belang: als je mijn referralcode van Lendahand gebruikt, dan krijg ik 25 EUR tegoed. Doe je dat niet, even goede vrienden.
  4. Dit is geen beleggingsadvies. Denk na voordat je ergens geld in steekt. Dat geld voor alles. En altijd.

“Ik heb echt (geen) 2000 EUR per maand nodig”

Soms, zo af en toe, gaat de Geldsnor grasduinen bij andere blogs. Mijn favorieten zijn Aaf, Geldnerd, Geld-is-tijd, groeigeld en Luxeofzuinig. Aaf is lekker persoonlijk, Geldnerd is lekker Nerdy, Geld-is-tijd houdt van klussen, groeigeld houdt van dividend en Luxe-of-zuinig heeft een soortgelijke levensstijl als wij, maar is een paar jaar jonger (en eerder begonnen met financieel “woke” zijn).

Maar soms hoeft het allemaal niet zo serieus te zijn, of te kloppen. Sommigen mensen kijken VI, ik lees dan Porterenee. En natuurlijk zijn mijn verwachtingen dan toch nog té hoog gespannen. Kijk, horoscopen, daar heb ik het niet over. Iedereen weet dat dit klinkklare nonsens is, toch? Het is zó vaag opgeschreven dat het altijd van toepassing lijkt te zijn, maar zou van toepassing moeten zijn op 8% van de wereldbevolking. Yeah, right.

Maar, het kan altijd nog erger. Kijk, als ik iets lees, zeker van een “finance blogger”, dan verwacht ik daar een didactisch aspect in. Is het niet voor het lijdend voorwerp van een rubriek, dan wél voor de lezers. En zo viel mijn oog op de blogpost “KASBOEK VAN STUDENT AMBER (21): “IK HEB ECHT € 2.000 PER MAAND NODIG”

Amber is een student geneeskunde. Ik ken haar uiteraard niet, maar ze is blijkbaar intelligent (anders studeer je geen geneeskunde). En heeft passie en verantwoordelijkheidsgevoel. Vast een prima jongvolwassen vrouw.

Maar financieel snapt ze er geen barst van!

Tsja, nogal een tussenkopje he…Want ze snapt er geen zier van. Ze heeft toch wel 2000 EUR per maand nodig. Echt waar? Zullen we eens in de kosten & baten duiken?

Inkomsten
Lening DUO450
Bijdrage vader300
Salaris489
Zorgtoeslag108
Huurtoeslag186
Vinted-verkopen49
1582
Uitgaven
Huur655
Gem. belastingen20
GWL54
Zorgverzekering150
Eigen risico ZV35
Overige verzekeringen5
Boodschappen196
Persoonlijke verzorging80,5
Kleding240
Telefoon13
Abonnementen5
Sporten72
Cadeautjes25
Uit eten & leuke dingen doen135
Vakantie50
Sparen/beleggen500
2235,5
Tekort per maand:653,5

Wat valt je op? Mij een aantal dingen.
1. Vinted-verkopen zijn géén inkomsten. Dat zijn incidentele baten. Als je dit iedere maand doet, zul je zien dat de kostenpost “Kleding” zal toenemen om voldoende te kúnnen verkopen!
2. Ik ken haar medische achtergrond niet. Plus het gaat me geen barst aan. Maar ik zou verwachten dat een jong gezond persoon niet zoveel aanvullende verzekeringen nodig heeft. Maar, gezien ze ook haar eigen risico betaald (die overigens op jaarbasis hoger is dan het normale eigen risico?), zou dit wel eens nodig kunnen zijn.
3. Maar lieve mensen…als je niet rond kunt komen, waarom geef je dan 240 EUR PER MAAND!!! uit aan kleding? En 80,50 aan “persoonlijke verzorging”? Ik snap dat mensen dit willen. Maar dat is 3.000 EUR per jaar.
4. “Uit eten en leuke dingen doen”. Ok. Ik snap dat je wilt leven. Maar “nodig” is een gehele andere term toch?
5. Maar het gekste van allemaal…Ze komt meer dan 600 EUR per maand tekort, maar ze spaart 500 EUR per maand. Dat lijkt me rekenkundige nonsens. Ze spaart netto dus he-le-maal niente. En komt 135,50 tekort.
6. Maar nog waanzinniger (ook al had ik gezegd dat punt 5 het gekste is, blijkt dat tóch niet zo te zijn): zelfs als ze niets tekort zou komen per maand en 500 EUR per maand zou sparen, dan doet ze dit door 450 EUR per maand te lenen van het DUO.

En op die laatste punten verwacht ik van een “financieel inspiratieblog” wat wijsheid en kritische vragen. Beseft Amber wel dat ze dit geld voor 30 jaar leent? Dat als ze dit 5 jaar lang doet, ze 32.400 EUR uit heeft staan bij DUO?

En dat is dan nog tot daar aan toe. Maar er zal ook rente bij komen. De afgelopen jaren was lenen “gratis” (namelijk zonder rente). Maar dat kan de komende jaren héél anders zijn. Een levensgroot risico, lijkt me. Straks wellicht typisch “voer” voor een huilie-huilie-artikel in de Telegraaf of AD, dat “zelfs de artsen van tegenwoordig geen huis meer kunnen kopen”.

En dat klopt dan ook. Omdat ze tijdens hun studententijd géén concessies doen aan hun leefstijl en méér uitgeven dan een gezin met 3 kinderen in de bijstand. De term “nodig” is dan ook behoorlijk aan inflatie onderhevig.

Wat ze wel nodig heeft? Een kritische blik. Als je kunt sparen, hoef je dus niet te lenen. Je gaat niet lenen óm te sparen. Niet als de risico’s niet in te schatten zijn. Tevens bestaat “sparen” niet als je méér tekort komt per maand, dan er “gespaard” wordt.

Het is prima te doen om met een dergelijke toelage zelfvoorzienend te zijn zonder lening. Dan zouden de inkomsten 1132 EUR zijn. Aan alle echte noodzakelijke lasten is ze 1133 EUR kwijt. Dan maar een paar jaar geen nieuwe kleding, exorbitante persoonlijke verzorging, vakanties en uitjes. Dat is “nodig“.

Terug naar de orde van de dag.

Salderingsregeling wéér aangepast: de gevolgen

Het bezitten van zonnepanelen is een lucratieve business. Zeker met de huidige hoge energieprijzen. Maar toch vooral dankzij de onwetendheid van installateurs en het bestaan van de salderingsregeling. Deze laatste is nogal aan verandering onderhevig en het hangt al jaren “boven de markt” dat deze aangepast gaat worden. De Geldsnor zou de Geldsnor niet zijn, als ik hier niet iets over zou schrijven.

Ik licht eerst kort toe wat de salderingsregeling inhoudt en waarom dit een probleem is op de lange termijn. Vervolgens laat ik het verschil in seizoensopbrengst zien, en daarna duik ik in de financiële gevolgen van de afbouw van deze salderingsregeling. Tenslotte zal ik laten zien hoe je voorbereid kunt zijn op deze afschaffing.

De salderingsregeling in het kort

Die salderingsregeling is vrij eenvoudig uit te leggen:
In de zonrijke maanden (lente & zomer, grofweg van maart t/m september) leveren zonnepanelen aanzienlijk méér op dan in de winter. Tevens verbruik je in de winter meer elektriciteit. Wat je meer produceert dan het eigen verbuik, wordt afgetrokken van het geheel.

De gehele opbrengst van het jaar wordt op die manier afgetrokken van het gehele verbruik van een jaar: het wordt tegen elkaar weggestreept.

Dit maakt zonnepanelen heel interessant. Maar er kleven ook wel nadelen aan: het leidt tot grote pieken in de lente- en zomermaanden, die niet opgeslagen kunnen worden. In de winter is deze elektriciteit wel degelijk weer nodig, maar wordt dan op andere manieren opgewekt. Dankzij de grote financiële prikkel leggen duizenden mensen nu zonnepanelen, en miljoenen mensen hebben dit in het verleden al gedaan.

De seizoenseffecten op zonnepanelen

Zonnepanelen zetten licht om in elektriciteit. Vandaar de officiële term “photo-voltaïsche cellen”. Nu we toch bezig zijn met terminologie: de opbrengst meet je in kWh (kilowattuur). Het vermogen meet je in W of kW (watt/ kilowatt =1000W). De spanning meet je in Volt. De spanning op het zonnepaneel is tot aan de omvormer gelijkstroom (DC) en wordt door de omvormer omgezet in AC: wisselstroom, en dat op een voltage wat passend is voor het net.

Er zijn enkele bekende en minder bekende effecten op zonnepanelen. Maar het belangrijkst is natuurlijk de hoeveelheid zonneschijn.

Veel installateurs zullen je laten geloven dat er niet per se zonneschijn nodig is om de zonnepanelen te laten werken. En dat is waar, maar ook erg kort door de bocht. Een voorbeeld: een zonnige dag in mei levert op mijn systeem 65kWh elektriciteit op. Dit gaat gepaard met een maximaal vermogen van 8600W, en een voltage op de omvormer van bijna 1000 Volt. De omvormer zet dit om naar een spanning van maximaal 253V: daar boven schakelt de omvormer uit.

Een niet-zonnige dag in mei levert hooguit 20kWh op: ruim 60% minder. Dus ja: er is nog steeds productie, maar zonneschijn helpt enorm. In de winter is dit effect nog veel groter. Op een zonnige winterdag “oogst” mijn systeem 23kWh (december), terwijl een volledig bewolkte dag kan resulteren in letterlijk 0.

Dat brengt me echter meteen op een volgende misvatting, die vrij populair is onder sceptische kringen: in de winter leveren zonnepanelen niets op! Dat is niet waar: ze leveren (uiteraard) veel minder op. De maximale zonneschijnduur is natuurlijk korter en de intensiteit is lager. Maar er blijft een aanzienlijke productie over: de slechtste maand die ik ooit heb gehad was 180kWh (tegen de beste maand ooit: 1525kWh).

De winter heeft echter een belangrijk voordeel: de temperatuur. De efficiency van zonnepanelen wordt sterk minder bij hoge temperaturen. En dus ook sterk vergroot bij lagere temperaturen. Een koude dag in februari heeft derhalve een hoger maximaal vermogen dan een hete zomerdag.

Grafiek met het gemiddelde percentage van de jaaropbrengst, per maand

Bovenstaande grafiek laat duidelijk zien dat de opbrengst van de wintermaanden vele malen kleiner is dan de periode maart-september.

Zoals gezegd, in de winter verbruik je aanzienlijk meer elektriciteit. Een vrijwel omgekeerde curve. Bij onderstaande grafiek is het belangrijk te weten dat ik voornamelijk stook op elektriciteit (airco). De grafiek is gecorrigeerd voor het opladen van de auto’s: dat is dus niet meegenomen.

De financiële gevolgen van het afbouwen van de salderingsregeling

Het afbouwen van de salderingsregeling kan verstrekkende gevolgen hebben, is althans het gevoel wat je krijgt in de media. Of dat ook zo is, ga ik narekenen. Dit op basis van mijn eigen verbruik uiteraard: de beste empirische data die ik tot mijn beschikking heb. In dit eigen verbruik is het opladen van de auto’s wél meegenomen, omdat die nu eenmaal mijn eigen verbruik vergroten.
Daar zit namelijk de crux in de (afschaffing van de) salderingsregeling: het gaat lonen om je het percentage eigen verbruik te verhogen. Dit houdt niets anders in dan het gebruiken van de elektriciteit op het moment dat het geproduceerd wordt.

Op dit moment is er voor velen een prikkel om overdag terug te leveren (tegen hoogtarief) en ’s nachts te verbruiken. Maar ook als deze prikkel er niet is, dan is het voor veel mensen nu eenmaal de praktijk dat je ’s avonds meer elektriciteit verbruikt. Koken, verlichting, televisie kijken, wasjes draaien: we doen het nu eenmaal als we thuis zijn. En dat is voor de meeste mensen ’s avonds.

Deze grafiek behoeft wat toelichting. De grafiek is een weergave van het directe verbruik vanaf de zonnepanelen in ons huishouden. Logischerwijs is dit in de wintermaanden veel hoger, omdat het absolute aantal kWh’s lager is. In het najaar van 2020 zijn we begonnen met het actief verwarmen met de airco. Het percentage direct vebruik is daarmee direct verhoogd. Van oktober t/m maart ligt dit boven de 40%. De rest wordt dus teruggeleverd (en gesaldeerd). Het record ligt dicht bij de 70%.

Hoger krijg ik het nog niet. Hoe dit komt? Het systeem op Huize Geldsnor is dermate groot dat er omstandigheden zijn dat het vrijwel onmogelijk is om het “op” te maken. Alleen de auto heeft een groot genoeg vermogen om alles op te kunnen snoepen. Ook in de winter betekent maximale zonneschijn dat ik anders de wasmachine, droger, vaatwasser en badkamerverwarming aan moet zetten. Tegelijkertijd. Een praktische onmogelijkheid: zoveel was héb ik niet.

Op dit moment is het simpel: ik produceer 10.000kWh per jaar (afgerond) en daarmee dek ik minder dan 100% van mijn eigen vebruik af. Ofwel: we profiteren maximaal van de salderingsregeling. 10.000kWh heeft een actuele waarde van 2100 EUR per jaar (oud contract).

Maar zoals gezegd, de salderingsregeling gaat aangepast worden. Dit is een jaar uitgesteld, tot januari 2025. Vanaf dát moment mag je nog maar 64% salderen en 36% wordt een “terugleververgoeding”. De tarieven van 2025 kan ik nog niet overzien, dus ik gebruik de actuele tarieven uit mijn contract voor deze berekening: terugleveren levert 11 cent op per kWh en direct verbruik blijft 21ct. De verbruiksgegevens betreffen in deze berekening de cijfers van 2021.

De situatie zónder salderingsregeling

Allereerst bepaal ik de situatie zónder salderingsregeling. Dit betekent: volle mep voordeel bij iedere kWh die ik zelf verbruikt heb: 21ct per kwh. En 11 ct voor iedere kWh die ik heb teruggeleverd.
De uitkomst is 1442 EUR. Dit ten opzichte van de eerder genoemde 2100 EUR op jaarbasis.
De terugverdientijd gaat nu van 4,5 jaar naar iets meer dan 6,6 jaar.

De situatie met 64% saldering

In de genoemde periode is er in totaal 9648kWh geproduceerd. Hiervan is 3667kWh direct verbruikt, tegen een voordeel van 21ct per kWh ofwel 770 EUR.

De resterende 5981kWh mag in 2025 voor 64%: 3828kWh dus wederom tegen de volle mep ofwel 804 EUR. De resterende kWh’s gaan tegen een terugleveringsvergoeding: 2153kWh * 0,11EUR: 236 EUR.
Het totaal is dus 1810 EUR. Een “verlies” van bijna 300 EUR tov. de volledige salderingsregeling nu.

De volledige grafieken: salderingsregeling per jaar

Bovenstaande kan wat overzichtelijker. Hiervoor heb ik de percentages als genoemd door solar Magazine genomen. De onderstaande grafiek loopt vanaf 2022 t/m 2031. In 2031 is het volledig “gedaan” met de salderingsregeling. De getallen zijn euro’s, gebaseerd op mijn opbrengst en verbruiksprofiel van 2021.

De nieuwe salderingsregeling levert in mijn geval cumulatief 2428 EUR minder op, maar nog altijd 2 maal de kosten van een volledig nieuw systeem. Bij een hogere elektriciteitsprijs loopt dit verschil verder op. Paradoxaal genoeg loopt (uiteraard) ook de terugverdientijd fors terug; bij een hoge stroomprijs is het systeem sneller rendabel, ondanks dat het “verlies” dankzij de salderingsregeling groter wordt.

Voorbereid zijn op het afschaffen van de salderingsregeling

Nu is het zaak om voorbereid te zijn op de afschaffing van de salderingsregeling. Hoe doe je dit?

Heel simpel, in theorie: het verhogen van je eigen verbruik op momenten dat de zon schijnt en het verlagen van het verbruik als het donker is.
Is een accu een oplossing? Zelf denk ik van niet. Een accu heeft alleen maar zin als je de opgeslagen elektriciteit ’s nachts wél verbruikt. Een accupakket van 10kWh moet je dus ook ’s nachts leeg weten te trekken. Anders zit je de volgende dag met een volle accu en lever je het alsnog terug.

En een 10kWh accu levert bij mij sowieso weinig op: de auto opladen verbruikt een veelvoud, en als ik die niet oplaadt krijg ik de accu niet leeg. Het zit ‘m dus meer in systematische aanpassingen.

In ons huishouden zijn we al vrij ver gevorderd met eigen verbruik. Ik durf te zeggen dat er weinig mensen zijn in Nederland met een systeem van gelijke grootte én een dergelijk verbruiksprofiel.
Onze grootste winst zal zitten in het verplaatsen van het verbruik. We hebben nu een elektrische auto met een iets groter bereik, waardoor we wellicht niet meer ’s nachts hoeven te laden (nu vaak de praktijk doordeweeks). Dit kunnen we dan op de vrije dagen doen.

Verder zitten wij redelijk aan de max: machines draaien overdag (tip: gebruik de functie voor uitgesteld verbruik!). Koken doe ik bij voorkeur als de zon schijnt; veel eten bereid ik dan al in de middag ipv. ’s avonds. Maar, ik werk vrijwel uitsluitend thuis. En dan is dat makkelijker.

Van de verlichting en dergelijke hoef je niets te verwachten. Dit is hooguit een paar honderd wattuur per dag en als de zon op is, hoef je geen lampen aan te hebben. Natuurlijk zóuden we de airco ook in de zomer kunnen gebruiken.
Maar de grootste sport is natuurlijk het verlagen van het absolute verbruik.

Conclusie: wat kost het afleveren van de salderingsregeling mij?

Ik denk dat we moeten omdenken. Het gaat niet om wat het kost. Je hoeft geen geld bij te betalen. Het levert minder op. Maar met een terugverdientijd van enkele jaren heb ik het idee dat heel veel mensen vooral (onwetende) media napraten en zelf géén idee hebben wat de werkelijke invloed is op hun eigen rekening.

Een beetje hetzelfde als met de uitvallende omvormers: gehuil uit onwetendheid. Uiteraard is 600 EUR per jaar een hoop geld (dat is het maximale verlies bij mijn huidige prijzen). Maar bij een systeem van 14 panelen (3000kwh/jaar) en hetzelfde profiel hebben we het over minder dan 2 tientjes per maand.

De terugverdientijd van een 10kwh accu wordt daarmee al snel 100 jaar. Is dat de moeite?