Waarom ik zeer sceptisch ben over beursgangen in het algemeen en die van Coolblue in het bijzonder

Vandaag een blogpost met wat meer diepgaande gedachten dan de laatste paar: beursgangen. Recentelijk kwam in het nieuws dat Coolblue zijn beursgang uitstelt. Dit vanwege moeilijke marktomstandigheden en meer wollig geneuzel zonder substantie. Een schapenverhaaltje, dus eigenlijk. En ik hou niet van wollig geneuzel. Wel van schapen.

Eerst de disclaimer: ik ben geen beleggingsadviseur, alles is mijn persoonlijke mening, ik heb geen banden met het bedrijf anders dan dat ik er zelf regelmatig iets koop etc.

Maar Coolblue en een beursgang. Waarom sta ik daar sceptisch tegenover? Vrij simpel gezegd en wellicht ietwat kort-door-de-bocht: Coolblue is niets meer dan een dozenschuiver zonder onderhandelingspositie in een kleine markt die geteisterd wordt door grote concurrentie en weinig toegevoegde waarde zonder Unique Selling Position (USP), behalve wat leuke woordgrapjes.

Een dozenschuiver, omdat dit is wat zij doen: ze kopen elektronica en verkopen dit door, met een marge. Dat heet “handel”. Wat je bij hen kunt kopen, kun je overal kopen tegen soortgelijke prijzen en doorgaans met gelijkwaardige service. De prijzen zijn zeer transparant – en dat leidt tot concurrentie en vice versa. Legitieme business, dat handelen. Maar je verandert niets aan het product. Jouw opgehangen TV is gewoon een (bijvoorbeeld) LG Oled en je vrienden interesseert het pas waar het vandaan komt als “jouw partij” goedkoper is dan de hunne en op tijd leverde.

Pas als je een zeer sterke merkidentiteit hebt, kun je een grotere marge bedingen. Voorbeelden zijn Apple & Tesla: een Apple telefoon kost niets meer om te produceren dan een andere telefoon, maar mensen zijn bereid om te betalen voor het merk en de beleving. Die is gebouwd op goede producten met een goede user interface (volgens de fans). Er is dus een grote schare aan trouwe Apple-kopers, en de tegenhanger de Apple-haters. Dat vind Apple prima, want het maakt fans haast religieus. Een soortgelijk verschijnsel zie je bij Tesla. Dit is geen waardeoordeel, dit is spijkerharde supergoede marketing en merkenbouwen. Het is een groot compliment, wat ik zelf als “marketeer” graag geef.

Terug naar Coolblue: de gemiddelde consument zal het een rotzorg zijn waar ze hun elektronica kopen. Het zijn geen sterk wederkerende aankopen voor het gros en de selectie zal veelal op prijs zijn. Vooropgesteld dat een aantal “qualifiers” zijn vervuld: een betrouwbare partij met een naam. Dat is direct een probleem voor Coolblue: je kunt dezelfde producten kopen via Bol.com, Amazon, Wehkamp, Expert, MediaMarkt enzovoorts.

Mijn volgende argument in het korte statement was een gebrek aan onderhandelingspositie. Coolblue is actief op de Nederlandse markt, met al zijn 17 miljoen inwoners. Toegegeven, ook in België en Duitsland. Maar in Duitsland pas een jaartje. Duitsland is sexy, als marketeer, want er wonen 85 miljoen mensen van wie een aanzienlijk deel welvarend. Maar ook sterk digibeet (betalen doen Duitsers met name “Bar”, ofwel cash, 4G-ontvangst is er vaker niet dan wel en ook in breedband liggen ze nog ettelijke jaren achter) en reeds “bezet” door Amazon. Amazon heeft Nederland links laten liggen omdat we te klein zijn, maar heeft zich wel volop in de Duitse, Franse, Italiaanse, Spaanse en Engelse kant geworpen.

Wil je daar tegen vechten? Dat kan alleen als Amazon dat toestaat – want hun slagkracht is oneindig groter. Zij hebben wél een onderhandelingspositie tegenover hun leveranciers, en anders maken ze het product zelf wel. Dus ik ben vrij sceptisch over het Duitse avontuurtje.

Voorts heeft Coolblue een enorm tekort aan personeel – doorgaans niet handig als je snel wilt uitbreiden. Amazon heeft zijn personeel al en heeft zich recentelijk meer op de Nederlandse markt gericht. Daarbij zijn Amazon & Bol.com “platforms” waarop ook andere verkopers zijn aangesloten. Coolblue is een “one-trick-pony”.

Ergo: ik snap wel dat ze hun beursgang uitstellen en zelf zou ik het niet eens overwogen hebben. Maar dat komt wellicht door mijn scepsis over beursgangen in het algemeen:

Beursgangen in het algemeen

Een beursgang is van nature ontzettend paradoxaal: de eigenaar van het bedrijf wil dat jij deeltjes van het bedrijf koopt. Tegen een prijs die zij het in eerste instantie waard vinden: de inschrijvingsprijs. Maar hier zit de paradox: zij vinden het X-waard. Maar jij zult het alleen kopen als je denkt dat het in de komende tijd X+ wordt. Maar als de eigenaar dat zou verwachten, waarom is een beursgang dan uberhaupt ter sprake gekomen? Waren er geen andere manieren om aan kapitaal te komen? Of vloeit het kapitaal rechtstreeks in de zakken van de verkopende partij.

Met andere woorden: gaat jouw geld naar de bankrekening van het bedrijf (als “agio-reserve” of anderszins kapitaal versterking) of staat er in de prospectus dat de middelen dienen om schulden af te lossen (bij voorkeur aan de huidige eigenaar) of hun aandelenpakket over te nemen? In dat laatste geval ziet de onderneming 0 EUR op zijn bankrekening bijkomen, in het andere geval gaat het wel eerst naar de bankrekening en daarna naar een schuldeiser.
Dat is uiteraard legitiem, maar wel een heel andere reden om een bedrijf naar de beurs te brengen.

Beursgangen in het verleden hebben zelden geleid tot duurzame stijgingen van de koers. In zeer veel gevallen ligt de koers na een jaar handelen aanzienlijk onder de IPO-prijs (de openingsprijs). En dat is logisch: het bedrijf waar jij aandelen in gekocht hebt, heeft net zijn hele hut schoongemaakt en de gevel vervangen met wat mooie powerpoints over “growth potential”. En dat reeds ingeprijsd in de IPO (staat overigens voor “initial public offering”).

Om die reden schrijf ik in zijn algemeenheid nooit in op IPO’s. En ik koop ook geen aandelen in bedrijven met een te kleine toegevoegde waarde die makkelijk gekopieerd kan worden en zwaar bevochten is.

Mijn “Green Energy Tracker”

Onlangs kreeg ik de vraag van Mr. Groeigeld, welke Green Energy Tracker ik gebruik. Dit naar aanleiding van mijn bericht over oplopende dividenden en het feit dat ik alle dividenden van mijn Shell-aandelen gebruik om deze tracker aan te kopen.

Welnu: iShares Global Clean Energy UCITS ETF USD. Dit is dus een tracker van Blackrock en kan ik via DeGiro kopen zonder transactiekosten. Een nadeel is dat deze op de Xetra-beurs staat en je daar dus jaarlijks 2.50 EUR aansluitkosten op betaald. Echter, dat valt in het niet bij de transactiekosten. Want ik beleg (op dit moment) alleen de dividenden hierin en dat zet natuurlijk geen enorme zoden aan de dijk: enige winst zou zomaar opgegeten worden door transactiekosten. En de aansluitkosten op een andere beurs zijn ongeacht de transacties of grootte van de portefeuille.

Year-to-date doet dit fonds het verschrikkelijk: -24%. Ik sta nog op “0” dit jaar met dit fonds: vrijwel de gehele daling vond plaats in de eerste 2 maanden van dit jaar.
Het fonds heeft een kostenniveau van 0.65% en dividend wordt uitgekeerd (en dus niet automatisch opnieuw geïnvesteerd). Het fonds is genoteerd in principe in dollars, wat een deel van het negatieve rendement verklaart.

Welke bedrijven zitten er in? Is het dus wel “echt clean energy”?

Er zitten een aantal grote, bekende bedrijven in. Bekend tenminste als je bekend bent met de markt: Vestas (producent van windturbines), Orsted (uitbater van windparken), SolarEdge (omvormers voor PV-systemen), Xinyi (PV-producent), Siemens Gamesa (concurrent van Vestas) en nog een kleine 80 andere. Dit zijn met name energie-leveranciers van alternatieve energie en bedrijven die werken aan slimme (opslag)systemen zoals Enphase.

Voor mij tellen deze bedrijven mee als actieve leden van de energietransitie: ENEL bijvoorbeeld (Italiaanse producent van elektriciteit) heeft zijn footprint in 3 jaar zien dalen van 411 gram CO2 per kwh naar 296 gram. Een spectaculaire daling!
Het zullen ook bedrijven zijn waar het, zeker bij de producenten, cash regent. Hoge prijzen voor energie levert immers veel winst op bij bedrijven die geen marginale kosten hebben om energie te produceren. Ik heb dus wel hoop dat het hier ook de goede kant op gaat de komende maanden.

Dividend knalt het dak uit!

In een zeldzaam moment van briljantie toeval hebben wij vorig jaar een pakket aandelen opgepikt. Zo ongeveer op het dieptepunt van wat uiteindelijk een flits-dip bleek te zijn: het begin van de pandemie. In zéér korte tijd donderde de hele aandelenmarkt in elkaar. Midden februari 2020 stond de AEX rond de 629 punten, wat destijds behoorlijk hoog was. Een maand later, op 18 maart, waren hier nog 404 punten van over: -35.7% in 4 weken.

In die periode hebben wij een aantal aankopen gedaan. We hebben gekeken naar wat we “altijd nodig” hebben: energie, banken, eten en bier. We hebben bedrijven gezocht met sterke balansen, waarbij de koersen extreem zwaar naar beneden zijn gedrukt.

En zo hadden we wat mazzeltjes: ING en Shell hebben we opgepikt tegen, achteraf, bodemprijzen. Bij ING staat onze Gemiddelde Aankoop Koers (GAK) op 4.56. Niet ver van de absolute bodem van 4.30. Tot nu toe staat dit aandeel op +164%.

Shell hadden we aangekocht op de laagste prijs tot dan toe, 11.43 EUR. Dit koerst inmiddels 71% boven de bodem.
Andere aankopen waren Unilever (41 EUR), Ahold (22.56), Heineken (84.3) en in een later stadium BAM (gekocht in februari 2021, voor 2.17).

Heineken is tot nu toe de enige die onder de 10% is blijven steken. We hadden naar ons eigen lijstje moeten kijken en toch voor een bier-aandeel moeten gaan ipv. Heineken. Die kochten we vlak voor de heropening van de horeca in 2020. Sindsien is het aandeel gestegen met 8,25% en heeft het 1,16% dividend opgeleverd (afgezet tegen de kosten).

Maar de anderen…Man o man!

Dividend-on-cost

Bovenstaande is tóch een lekker plaatje. De reden waarom ik kijk naar “dividend on cost” is simpel: dat zijn de kosten die ik heb gemaakt en dus het rendement vormen op mijn inleg. De huidige koers is voor mijn dividendrendement totaal niet interessant.

ING springt er bovenuit. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat dit rendement inclusief een “aankondiging” is, die plaats zou vinden na 30 september en het uitgestelde dividend van 2019 zou betreffen. Dit is voorlopig uitgerekend op 0.45 per aandeel. Je begrijpt dat op een GAK van 4.56 EUR dit een behoorlijk percentage is.

De relevantie van dividend-yield

De relevantie van dividend-yield is voor mij tweezijdig: enerzijds levert het cash op, wat opnieuw wordt belegd. Zo worden de dividenden van Shell gestoken in Green Energy-trackers. Ik hou van ironie.
Anderzijds is het een stukje “risicomanagement”. Hoe hoger het in het verleden uitgekeerde rendement, des te lager is het risico. Ik zie het op die manier als een stukje schuld afbetaling. Ik heb geld in de ING gestoken, en met het rendement wordt het risico op mijn ingebrachte kapitaal steeds iets kleiner. Na enkele jaren is er geen enkel risico meer; er is meer dividend betaald dan de oorspronkelijke inleg was.

Daarna (en ook tijdens) is het altijd een spelletje van “opportunity costs”. Kan ik elders een hoger rendement krijgen, bij een gelijke of betere maatschappelijke impact. Of een vergelijkbaar rendement, met een betere maatschappelijke impact?

De reden dat ik voor deze bedrijven heb gekozen is ook gelegen in het feit dat ik van al deze bedrijven producten afneem: bier (Brand is een merk van Heineken), eten & verzorging (bepaalde producten van Unilever), eten en andere artikelen (Albert Heijn & Bol), brandstof (áls ik tank, uitsluitend bij Shell) en bankproducten (mijn hypotheek en betaalrekening lopen bij ING).

Corekees; 40 bomen reeds, wat levert het op?

Ik ben lekker vrij en de kinderen zijn op BSO / kinderopvang. Ik ben dus heerlijk de hele dag bezig geweest met weinig. Honden uitlaten, beetje stofzuigen, wat blogs klaarzetten en wat dingen uitzoeken voor mijn nieuwe avontuur. Maar ik heb ook flink in de tuin gewerkt. En toen dacht ik opeens aan “mijn boompjes in Paraguay”.

Al vanaf november investeer ik in obligaties van Corekees. Het principe is vrij simpel: ze planten bomen (in Paraguay, op land wat niet recent ontbost is maar al tientallen jaren geleden). De Paraguyaanse overheid voert grootschalige herbebossingscampagnes uit, en veel boeren werken daar aan mee. Corekees verkoopt obligaties (1 obligatie = 1 boom) en plant die bomen bij veeboeren in de grond.

De boeren hebben een belang om de bomen te laten staan: ze leveren geld op. Er groeien noten aan en die noten leveren olie. En wat er overblijft van de noten is krachtvoer voor het vee. Mooi circulair.

Maar inmiddels zit ik dus op 40 bomen. Helemaal niet slecht! Zeker niet als je bedenkt dat ik er 5 heb “gekregen” doordat iemand anders mijn referral code heeft opgegeven (CRKS_REF_0299_27549). En daar ben ik blij mee!

Wat levert dit nu op?

Ten eerste levert het een aanzienlijke CO2-reductie op. De bomen groeien en schijnen gemiddeld 44kg per jaar aan CO2 op te nemen. Laat dit een 10% er naast zitten, dan komen we op 40kg. Per jaar. Mijn 40 bomen compenseren dus reeds 1600kg CO2 per jaar. Dat is een aardige hoeveelheid: ongeveer 40% van de CO2 uitstoot van ons huishouden in 2020 voor de categoriën elektriciteit, verwarming en mobiliteit.

Maar natuurlijk ook geld. En laten we er geen doekjes om winden: als het geen geld opleverde had ik het niet gedaan. Zo simpel is het. En dat hebben ze bij Corekees dan ook goed begrepen.

Bron: Corekees’ obligatievoorwaarden

Als ik bovenstaande tabel in een grafiekje plot, dan zie je een mooie piek ontstaan. Ik kies er voor (in deze grafiek) om 20 jaar lang in te leggen in de bomen. Door het uitbetalingsschema in bovenstaande tabel ligt de piek in 2042 met 3970 USD op jaarbasis. Daarna loopt het iets terug, want de eerste obligaties zijn dan inmiddels verlopen.

Maar er is ook geld geïnvesteerd uiteraard. Dus hebben we meer nodig om een duidelijk beeld te krijgen: de cumulatieve betalingen & de cumulatieve inleg. Voor die gelegenheid heb ik een grafiek met 2 assen gemaakt en is de jaarlijkse uitbetaling in kolommen weergegeven:

Vanaf 2038 is de totale uitbetaling groter dan de totale inleg. Vanaf 2030 echter is de jaarlijkse uitbetaling groter dan de jaarlijkse inleg. En dat vind ik een vrij overzichtelijk resultaat. Op deze manier heb ik een passief inkomen vanaf 2030 welke groter is dan 1200 EUR per jaar (en wat gelijk is aan de inleg) en dat groeit. Vanaf 2040 stopt de inleg (in dit scenario) en bedragen de jaarlijkse betalingen meerdere duizenden dollars per jaar tot het jaar 2060. Dit is allemaal niet geheel toevallig: in 2040 ben ik 55 en dan vind ik dit een mooie passieve inkomstenbron.

Ik vind het een mooi initiatief en ik hoop er iets aan over te houden. Ik zie geen alarmbelletjes rondom het hele gebeuren en wat ik er van kan nagaan vind ik een knap staaltje “derisken”. Doe mee, als je wilt. Of niet, als je niet wilt. Als je wel wil: vergeet m’n referral code niet :-).

(en nee, dit is géén advertorial! De eerste substantiële uitbetaling van de obligaties verwacht ik in 2026 (iets meer dan 300 USD in dat jaar). Mocht er iets geks gebeuren dan (of in de tussentijd), dan zal ik het melden)

“Goed met geld: sparen of beleggen”

Bovenstaande kop staat boven een artikel van Nu.nl. Nu.nl heeft een doorgaans zeer goede redactie. Dat bepaal ik aan de hand van onderwerpen waar ik veel van af weet en te kijken in hoeverre hun artikelen stroken met mijn vak-inhoudelijke kennis. En dat levert een prima score op. In dit geval vind ik het genoemde artikel wat “dubieus”. Er staan namelijk een aantal dingen in waar ik méér dan vraagtekens bij heb.

Nummer 1: de Buffer

Ten eerste heeft men het over een buffer: je moet eerst een buffer hebben, voordat je begint met beleggen. Dat is een zeer verstandig advies al zou het ze sieren om uit te leggen wáárom je een buffer nodig hebt. En de belangrijkste reden daarvoor is dat je niet acuut aandelen hoeft te verkopen op een moment dat voor jou ongewenst is. Dit doorkruist je beleggingsstrategie. Maar ik heb wel een probleem met de hoogte van de buffer. Zoals een collegablogger al omschrijft meet je een buffer niet in euro’s maar in maanden dat je vooruit kunt. De hoogte van een buffer hangt af van hoe hoog je lasten zijn en wat je risicoprofiel is. In ons geval hebben we allebei een baan, een relatief goedkope woning (tov. ons inkomen), een lang arbeidsverleden en een goede gezondheid. Allebei een baan hebben is al een goede diversificatie, want de kans dat je beiden tegelijkertijd werkloos raakt is klein(er). Zeker als dat in ons geval in 2 totaal verschillende branches is. Een goedkope woning scheelt, omdat je lasten lager zijn. Een lang arbeidsverleden vergroot de maximale duur van een eventuele uitkering.

En daar zit ook een groot deel van de crux: er voor zorgen dat je lasten dermate laag zijn dat je ze ook op je minimale inkomsten (bijvoorbeeld 2x een 70% WW-uitkering) kunt betalen. Uiteraard loop je nog altijd het risico op faillissement van je werkgever en dat je enkele maanden niet betaald krijgt, en daar heb je zéker de buffer voor nodig. Maar vergeet ook niet dat je, wanneer je werkloos raakt, zo snel mogelijk je lasten naar beneden moet zien te krijgen. In ons geval zou het kunnen betekenen dat we geen kinderopvang meer zouden gebruiken: een post die veel hoger is dan de hypotheek, auto of zelfs de combinatie daarvan.

Nummer 2: beleggen voor pensioen of niet

“Kroonbergs: “Stel, je bouwt geen pensioen op en je ontvangt straks minder AOW door verblijf in het buitenland, dan is het opbouwen van een toekomstvoorziening echt noodzakelijk.” Met andere woorden: al je cash in aandelen investeren is niet de veiligste optie. “Maar als je een wereldreis wil maken en zelf de lengte van die reis kunt bepalen, dan kan je meer risico nemen.”

Wat de ef…? Los van het feit dat AL je cash in aandelen investeren niet verstandig is, neem ik aan dat men hier bedoelt dat je niet via aandelen spaart voor je pensioen. Terwijl dat bij uitstek het doel is om voor te sparen. Je hebt namelijk een hele lange horizon om te beleggen en je kunt eventuele tegenvallers dus nog wegwerken. Op het moment dat je ouder wordt kun je kiezen voor een minder hoog risico-profiel. Maar een pensioen leent zich écht beter om voor te beleggen dan een wereldreis die je waarschijnlijk niet over 20 jaar wil maken, maar binnen een afzienbare tijd.

Nummer 3: beleg met een tracker

Toegegeven, dat is best een goed advies. Zelf doe ik het niet, maar noem dat eigenwijzigheid. Maar wat mij in dit stukje stoort, is het volgende:
“Hoge kosten kunnen het rendement opeten, vooral als je met weinig geld belegt. Als het over beleggingsfondsen gaat heeft Kroonbergs een vuistregel: “Alles boven de 1 procent is eigenlijk een duur fonds en daar zou ik dus mee oppassen.”

1 procent? 1 procent? Gelukkig is persoon in kwestie niet mijn adviseur (die heb ik sowieso niet). Maar 1 procent is wel heel hoog voor een ETF. Vanguard VWRL heeft een lopende kostenfactor van 0.22%. Van de 11.040 ETF’s in de Morningstar-databank hebben er maar liefst 7939 stuks een lopende kostenfactor onder de 0.5%. Hoe serieus kan ik iemand nemen die een vuistregel heeft dat een beleggingsfonds een kostenfactor van 1% mag hebben.

Hoe heet is jouw portfolio?

Zondagavond keek ik Tegenlicht met een (voor mij) interessante documentaire of duurzame energie en dergelijke. Al jarenlang propageer ik het gebruik en opwek van duurzame energie en is het een sport in ons huishouden om niet alleen zoveel mogelijk energie op te wekken, maar ook te zorgen dat we dit verbruiken op het moment dat het gemaakt wordt. Het is hier niet ongewoon om te zeggen: stel de was nog even uit, want straks breekt de zon door.

Niet dat dit financieel ook maar iets uitmaakt dankzij de salderingsregeling. Maar het is een sport. Dit komt voort uit de achterliggende gedachte dat bij teruglevering er een aanzienlijk percentage verloren gaat (ik meen 6%). Dat is dus gewoon zonde.

Wij proberen ons leven als moderne consument bewust invulling te geven: een goed geïsoleerd huis, zonnepanelen, elektrische auto’s, warmtepomp/airco etc. Zonder dat het oncomfortabel is, ons huis is bijzonder luxe met overal airco, vloerverwarming, grote badkamer, ruim voldoende slaapkamers en een grote tuin. In die grote tuin verbouwen we natuurlijk ook fruit: kiwi’s, frambozen, druiven, blauwe bessen, aardbeien, courgettes, komkommers, tomaten, boontjes etc. Maar ik dwaal af, merk ik.

In “Tegenlicht” had men het zondag dus over “hoe heet is jouw portfolio”, ofwel, in hoeverre draagt jouw portfolio bij aan klimaatverandering? Dit was een voor mij volledig nieuwe benaderingswijze. Ik heb mijn portfolio al wel ingedeeld in dividend/geen dividend. Liquide / niet liquide. Security vs. growth. Maar nog nooit in “hoe heet is je portfolio”.

Voor deze analyse neem ik de volgende dingen mee als onderdeel van mijn portfolio:
1. Zonnepaneleninstallatie. Dit was een investering en het levert me ieder jaar cash up. Dus het is onderdeel van mijn “assets”. De rest van het huis laat ik buiten beschouwing, want dat kost alleen geld.
2. Mixfondsen. Die bekijk ik volgens Morningstar-rating
3. Aandelen. Mijn aandelenportfolio bestaat uit:
a. Royal Dutch Shell. Hypocriet? Zéker. Maar ik heb ze wel “uitgeleend” aan activisten. De enige manier om een bedrijf de goede kant op te duwen is door het te kopen!
b. Ahold
c. Heineken
d. ING
e. Unilever
f. Vanguard Minimum Volatility -> fonds is per 23-2 geliquideerd
4. De duurzame fondsen van de 3 kinderen.
5. Obligaties in Corekees
6. Spaargeld

Ik vind het nog moeilijk om dit te visualiseren. Duidelijk is dat mijn PV-panelen een duurzame investering zijn. Ook de bomen die ik maandelijks koop via Corekees zijn duurzaam. Bij nader inzien blijkt zelfs mijn pensioen voornamelijk belegd te zijn in sustainable index-funds. Ik beleg dit pensioen in een “lifecycle” en maak niet zelf de keuzes voor de fondsen, want gek genoeg vraagt NN daar meer geld voor dan hun eigen fondsen te gebruiken.

In februari hebben we 50% van onze Shell aandelen reeds verkocht, waarmee de overige aandelen van Shell vrijwel gratis zijn. We hebben namelijk gekocht op een tientje en verkocht op 17 EUR. Dit stukje hypocrisie wordt dus steeds verder opgelost. Ook neemt het belang van Corekees in ons portfolio een steeds belangrijkere plaats in. Maar goed, we hebben het over tienden van procenten.

Het “grote geld” zit in de pensioenrekening en dit zit dus wel prima in elkaar. Als de zolderverbouwing & keuken er op zitten en we weer veel geld naar de beurs kunnen brengen zullen we er in ieder geval rekening mee gaan houden.