Het stookseizoen komt er aan: 15 dikke tips om het aangenaam en goedkoop te houden

Hoe je het ook wendt of keert, het stookseizoen komt er aan. “Vroeger” was dat een semi-officiële term waarbij op een bepaald moment in de tijd de kolenkachels geïnspecteerd waren en de voorraden waren aangevuld. Tegenwoordig hebben we geen kolenkachels meer en doorgaans ook geen decentrale voorraden van brandstof. Uitzondering zijn natuurlijk houtkachels. Maar het gros van de verwarming vindt plaats met aardgas en in toenemende mate met warmtepompen.

Maar met het korter worden van de dagen worden de nachten langer en kouder. Ook de dagen worden kouder. Dit gaat best spectaculair: de gemiddelde maximumtemperatuur in De Bilt is in de eerste 10 dagen van september nog 20.2°C. In de laatste 10 dagen van september nog altijd 18°C. Maar 4 weken later, eind oktober, is dit nog maar 13.3°C. Voor veruit de meeste mensen zal gelden dat “ergens” in oktober de verwarming noodzakelijk is om het huis comfortabel te houden. Voor een enkeling (en afhankelijk van het weer) zal dit al in september nodig zijn, en voor een andere enkeling pas in november.

Dit hangt af van je eigen “comfortniveau”, maar in belangrijke(re) mate de isolatiewaarde van je woning. Het is nu eenmaal een gegeven dat een object afkoelt tot de temperatuur van omliggende objecten en dat dit sneller gaat als de zogenaamde “delta T”, ofwel het temperatuursverschil groter is. Je zou denken dat dit wellicht niet veel uitmaakt (die Delta T). Maar bedenk goed hoe snel een pizza afkoelt als je deze uit de oven haalt. Van 200 naar 100°C gaat een stuk sneller dan van 100°C naar 20°C (bovendien, onder de 40°C zul je de pizza ervaren als koud en gooi je ‘m waarschijnlijk terug in de oven).

Maar Geldsnor zou de Geldsnor niet zijn als ik me hier niet in verdiept had. Dus hier een aantal “dikke tips”

De tips om het stookseizoen goedkoper te maken

  1. Zorg voor een goed onderhouden verwarmingssysteem. Dit maakt je verwarming veiliger en met een beetje mazzel goedkoper. Maar, zie punt 2:
  2. Zodra de CV-monteur je ketel heeft ingesteld, open je het menu van de ketel. Verlaag acuut de aanvoertemperatuur van je systeem. Onthoud: zodra er witte rook uit het afvoerkanaal komt, stook je te hard. Een CV-ketel heeft zijn hoogste rendement door láng te stoken op een laag vermogen. Hierdoor wordt er maximaal gebruik gemaakt van de condensatiewarmte van de rookgassen. (bij een andere kleur rook uit de schoorsteen van een CV-ketel is er iets ernstig aans de hand). Je kunt eventueel je woning waterzijdig in laten regelen. Heb ik zelf nooit laten doen, met trial en error wordt mijn vloer overal warm.
  3. Stook niet op kamers waar je niet bent. Logisch. Maar toch. Vooral slaapkamers: mensen slapen beter bij lagere temperaturen. Je kent vast het fenomeen dat je het koud krijgt als je moe bent? Dat komt omdat je lichaam in slaapstand gaat. De koude is het gevolg van een combinatie van een hoge adenosine spiegel en melatonine-afgifte. Door je kamer warm te stoken (en te verlichten) rem je dit proces. En het kost nog geld ook.
  4. Doe de gordijnen dicht ’s avonds. Zodra de zon onder is, of als het zwaar bewolkt en winderig is al eerder, is de stralingsbalans negatief: je verliest meer warmte door de ramen dan er aan licht binnen komt. Gordijnen zijn een zeer effectieve barriere tegen warmteverlies. Zo breken ze de luchtstroom, maar ook de staling. Eventuele stralingswarmte van binnen wordt omgezet in convectieve warmte (hoe gering ook) en dankzij het breken van de luchtstroom is die convectie ook nog eens kleiner. Zorg er wel voor dat eventuele radiatoren niet áchter de gordijnen zitten!
  5. Slimmerik: zodra de zon weer schijnt doe je de gordijnen open. Maar schroom niet om de gordijnen op zolder dicht te houden, evenals ramen op het noorden of elders waar de zon niet naar binnenvalt.
  6. Gebruik radiatorfolie. Kost bijna niets, maar levert wel wat op: de stralingswarmte van de radiator gaat nu niet de muur in, maar wordt de ruimte ingekaatst. Koop gewoon de goedkoopste, de dikte doet er niet toe.
  7. Heb je een echte airco (split-unit)? Gebruik die dan om ruimtes warm te stoken. Doe dit vooral overdag, als de luchttemperatuur iets hoger is. Dan is het omzettingsproces van de warmtepomp (=airco) efficiënter.
  8. Ventileer, maar overdrijf niet. Ventileren doe je niet om het huis makkelijker warm te stoken, maar uitsluitend voor de gezondheid. Ja, vochtige lucht warmt iets moeilijker op, maar het koelt ook langzamer af. Bovendien is het dauwpunt iets hoger, waardoor je het als warmer zult ervaren.
  9. Heb je vloerverwarming? Top! Zet je aanvoertemperatuur op 35 of 40C, of zo laag als dat nodig is om de ruimte warm te krijgen. Heb je een vloerverwarmingspomp van vóór 2013? Koop dan een pompschakelaar.
  10. Een tip “out of the box”: nodig vrienden of familie uit om te komen eten als het heel koud is. Dit is gezellig (en als dat niet zo is, heb je de verkeerde mensen uitgenodigd, sufferd!), maar levert ook een hoop warmte op. Wellicht kun je het je nog herinneren van vóór de coronacrisis: ruimtes met veel mensen warmen enorm op. Ideaal: die warmte wordt opgenomen in je huis. 1 persoon is goed voor 100W vermogen. Met 10 personen zit je dus op 1kW en als ze 5 uur lang blijven heb je toch 5kWh warmte opgenomen.
  11. Nog beter: zorg dat je zelf uitgenodigd wordt. En vergeet de verwarming niet iets lager te zetten als je gaat. Maar niet zo laag dat je ketel daarna hard moet werken, want dan komt deze buiten het efficiënte bereik (zie punt 2).
  12. Geniet van lekker uitgebreid koken, met name in de winter. In de zomer is dit natuurlijk ook lekker, maar dan is de warmte een negatief restproduct. In de winter is de warmte van het koken nuttig en minder verlies.
  13. Last but not least: laat je lichaam wennen aan lagere temperaturen. Je lichaam voelt niets zozeer de absolute temperatuur, maar vooral de sensatie van het opwarmen en afkoelen. Als het 17C is en het warmt op naar 20C, dan voelt dit comfortabeler dan omgekeerd. Je kunt prima wennen aan lagere (of hogere) temperaturen. Trek dus ook niet te snel truien en lange broeken aan, laat de muts en handschoenen achterwege en gebruik dit allemaal pas als het echt koud is.
  14. Oké, nog eentje dan. Buffer de warmte zolang dat kan. Is het een dagje warm in oktober of eind september? Laat de warmte binnen en houdt die daarna binnen! Dit is vooral effectief bij woningen met veel massa (stenen/betonnen vloeren).
  15. Oké, oké. Nóg eentje. Koop een paar tochtstrips en zorg dat permanent tochtende plekken luchtdicht zijn. Tocht is een gevoelde luchtstroom, die zelfs als deze marginaal kouder is (zie punt 13) je lichaam het gevoel geeft dat het koud is. Tocht ontstaat overigens niet alleen door “luchtlekken” naar buiten. Ook in een volledig luchtdichte ruimte kan het tochten, door convectie. Zo ontstnapt warmte niet alleen naar zolder, maar de afkoelende lucht tegen een zolderraam (als voorbeeld) zakt ook weer naar beneden. Zorg vooral voor een tochtstrip ( “borsteltochtplaat” achter de brievenbus. Nog beter: neem een externe brievenbus (koop deze bij voorkeur tweedehands, moet lukken!) en maak het gat in de deur dicht. Doe dit niet met een dun plankje, maar met een massieve plank die net zo dik is als de deur.

Zoals je ziet kosten bovenstaande tips eigenlijk niets. Dat is bewust. Ik kan hier wel een relaas houden over de waarde van isolatie, en dat is ook heel belangrijk. Maar als je de woning nu nog niet geïsoleerd hebt, gaat dat deze winter ook niet meer gebeuren. Afgezien van wat tochtstripjes plakken.

(ow, en sorry voor de keuze van “dikke tips”. Ik las net een artikeltje over 50 “vette tips”)

De kosten van 24/7 internet in huis

Huize Geldsnor hangt in een wolk van wifi. Belangrijk, want ik werk vrijwel uitsluitend vanuit huis. En niet alleen dat: onder de overkapping hebben we een TV-hangen met een Chromecast en ik sport regelmatig in de garage of onder de overkapping met mijn fiets. Dat doe ik via “Zwift” en daarvoor is internet noodzakelijk.

Hiervoor heb ik een aantal wifi-versterkers. Fijne dingetjes, ze doen het feilloos. Ik heb er 3: eentje is met een draadje verbonden aan de router in de meterkast, één hangt op zolder en de andere hangt in de schuur. Het voordeel van deze apparaten is dat je ze alleen maar in het stopcontact hoeft te stoppen. Via het koperen draadje en moeilijke dingen maakt het verbinding met de unit die aan de router hangt en zo heb je overal wifi. Supereenvoudig, en in de moderen tijd wellicht supernoodzakelijk.

Maar er hangt ook een prijskaartje aan. Los van het feit dat die dingen gewoon best duur zijn (bijna 100 EUR per stuk), vreten ze ook elektriciteit. De adapter geeft een stroomsterkte van 1.2A bij een spanning van 12V. Een snelle rekensom leert dat dit bijna 14W vermogen oplevert. En de meeste mensen, eerlijk gezegd inclusief ikzelf, hebben deze 24 uur per dag aan staan: 336Wh per dag, per unit. Dat is (met 3 units) dus 1kWh per dag. Dat is 10.4% van mijn totale elektriciteitsverbruik!

Om te kijken of dit maximale vermogen ook werkelijk gebruikt wordt, heb ik een aantal dingen getest. Dit heb ik gedaan door tijdens de vakantie te kijken wat ons laagste “standby-verbruik” op een dag is. Dit is, niet geheel verrassend, ’s nachts. In de vakantie staan hier geen apparaten aan, behalve de wifi-router en één Deco. Dit om mijn P1-monitor uit te kunnen lezen en de omvormer te kunnen laten communiceren. Ook staan er 2 vriezers en koelkasten aan (1 losse vrieskist, 1 losse koelkast, en 1 combi-vriezer/koelkast). Deze staan natuurlijk niet continu aan: alleen als ze koelen gebruiken ze elektriciteit.
Ook de laadpaal van de auto staat aan, de mechanische ventilatie, en het alarmsysteem. Bij elkaar leverde dit in de vakantie een minimaal vermogen op van 85W. Nacht na nacht. Overdag in principe ook, maar door de teruglevering van de zonnepanelen is dit niet meer uit de ruis te halen.

Exact hetzelfde heb ik gedaan tijdens een aantal nachten die niet in de vakantieperiode vielen. Ik heb zekergesteld dat er geen andere apparaten waren ingeplugd. Het resultaat: 109W is het minimale vermogen. Hiervoor moet ik nog een kleine correctie doorvoeren: zoonlief slaapt met een nachtlampje aan nu hij net op de zolder ligt. Deze verbruikt 10W (het is zo’n wereldbol). Conclusie: het verbruik van 1 wifi-versterker is dus werkelijk 14W per stuk.

Het continue beschikbaar zijn van wifi overal in ons huis kost daarmee een kleine 75 EUR per jaar. En dat is zonde. Niet alleen van het geld, maar ook omdat ik graag zuinig ben met energie in zijn geheel. De acties zijn reeds genomen:
1. De versterker in de garage is “uit”. Alleen als we gaan sporten in de garage of de chromecast in de overkapping nodig hebben, gaat deze aan.
2. Ik probeer zo veel mogelijk de versterker op zolder uit te zetten. Immers, die heb ik alleen nodig als ik aan het werk ben. Op de slaapkamers hebben we geen wifi nodig (bovendien is die van beneden sterk genoeg voor de slaapkamers).
3. De P1-poort gaat “rapporteren” aan de router – niet langer aan het onderliggende netwerk.

Hoe staat het met jouw wifi-beschikbaarheid?

Terugverdientijd van een bewegingssensor

Ons huis heeft een vrij lange oprit: iets meer dan 18 meter lang. En regelmatig moeten we in het donker naar buiten. Aan het eind van de oprit (of het begin, hangt er vanaf hoe je er naar kijkt) staat de garage. Verder staan er op de oprit 2 auto’s, een caravan en een aanhangwagen. Tevens loopt er regelmatig een kabel van de oplaadpaal naar één van de auto’s.

Daarmee ziet het er ongeveer zo uit:

In grijs de verharding: de verharding in ons tuin is, zonder uitzondering, bestaande uit handgebakken klinkers. Deze zijn ongelijk van vorm en hebben vrij grote voegen. Hierin loopt het water keurig weg, zodat er geen water richting de straat of putten loopt.

Maar goed, terug naar de bewegingssensor. Wij (dat ben ik) moeten vaak nog in het donker naar buiten: de honden uitlaten sowieso, maar ook nog wel eens sporten, dingen in de container gooien en bezoek komt altijd achterom. Sterker nog: ik heb géén idee of onze voordeur überhaupt open kan. Die gebruiken wij vrijwel letterlijk nooit. (Dit statement is enigszins overdreven, pakketjes & boodschappen komen door de voordeur).

Op dit moment heb ik een tijdklok op de lamp zitten. De lamp hangt aan de garage en geeft voldoende licht om veilig de oprit af te lopen. Voor het huis staat een lantaarnpaal die het voorste stuk van de oprit verlicht en boven de voordeur hangt ook een lamp. Die laatste gaat aan met een gewone schakelaar en is in principe uit.

De tijdsklok moet ik regelmatig verzetten. Niet alleen met winter & zomertijd, maar ook omdat het onzin is om het licht te laten branden als het niet donker is. Dus in de zomer staat deze vrijwel helemaal uit (immers, het is tot bijna 23 uur licht en vanaf vijf uur alweer licht), maar in de winter staat de lamp aan van 16:30 tot 23 uur. En vanaf 06:00 tot 08:30.

Dit kunnen we plotten in een grafiekje en uitrekenen hoeveel tijd de lamp aan staat:

Bovenstaande is gerekend per dag: in de winter bijna 10 uur per dag, in de zomer net onder het uur. Dit middelt uit op 4:50 uur per dag, ofwel in totaal 1764 uur en 11 minuten per jaar.

Uiteraard is het een LED-lamp, met een vermogen van 6W. Aan energieconsumptie valt het dus wel mee: 10584Wh, ofwel 10,5kWh. Iets minder dan 0.3% van ons verbruik. Aan de andere kant, als je ziet wat voor maatregelen er soms genomen moeten worden om op grote schaal een dergelijke daling te veroorzaken, is het toch nog best veel.

Een bewegingsmelder zou ik instellen op 5 minuten aan. En ik ga er vanuit dat ik gemiddeld 2x per dag naar buiten ga tijdens een moment dat het donker genoeg is om deze te activeren. Dat betekent 10 minuten per dag. Let wel: in de winter zal het vaker voorkomen, en in de zomerperiode minder.

10 minuten per dag betekent 3650 minuten per jaar. Ongeveer 1700 uur per jaar minder dan zónder bewegingsmelder.
Nu kost zo’n bewegingsmelder ongeveer 13 EUR. De besparing is ongeveer 10kWh per jaar, ofwel ongeveer 2.20 EUR.

Dit maakt de terugverdientijd bijna 6 jaar. Op zich geen slechte score. Maar: ik heb al een bewegingsmelder liggen…Alleen nog niet geïnstalleerd. Ben zo terug!

Water: jaarrekening weer binnen

Dankzij een verhuizing in augustus enkele jaren geleden lopen alle contracten hier tot augustus. Natuurlijk heb je bij water geen enkele keuze in aanbieder, maar moet je toch aanmelden.

Maar goed, de jaarlijkse afrekening is weer binnen. In de periode 2019-2020 gebruikten wij 356 liter water per dag, ofwel 130m3 per jaar. In dezelfde periode een jaar later is dit opgelopen tot 364 liter water per dag: 133m3 per jaar.

Dit is een plus van 2.3%. Daar ben ik niet blij: elke plus in ons energieverbruik is een dikke onvoldoende. We willen juist jaarlijks mínder gaan verbruiken. Anderzijds, gegeven de omstandigheden ben ik er wel tevreden over. Immers, in februari hebben we een kindje gekregen en dat heeft de nodige effecten op ons waterverbruik:
Zo worden baby’s vaker in bad gestopt (al is het een babybadje), en wordt er vooral veel meer was geproduceerd. Niet alleen omdat er een extra persoontje is die kleren draagt. Nee, vooral vanwege de slabbers, spuugdoekjes en washandjes. En niet te vergeten: wij dragen elke dag een nieuw shirt/trui/blouse/polo/overhemd/jurk (Lieftallige Echtgenote, in dat geval). We worden namelijk zeer regelmatig ondergespuugd en gekwijld.
Ook is er regelmatig een nieuw bedje en boxkleed nodig én zijn mijn oudste dochter en zoon bezig met zindelijk worden. Dochter overdag, zoon ook ’s nachts. En dat gaat wel eens mis. Maar ook als het niet mis gaat, dan plast dochter op de WC. En doorspoelen kost méér water dan het verschonen van een luier.

Bovendien hebben we meer afwas: flesjes, bakjes, dingetjes. En dus staat vaker de vaatwasser aan (altijd overdag, als de zon schijnt uiteraard), en wordt er het een en ander met de hand afgewassen (flesjes). Als je bovenstaande meeneemt in de conclusie, dan is een plusje van 2.3% nog niet zo slecht.

De komende maanden zullen we er stevig op letten. Waterverbruik is qua kosten niet zo spannend, maar het beperken van welk verbruik dan ook is natuurlijk altijd belangrijk.

Het stookseizoen komt er aan: nog even snel warmte bufferen! (2 miljoen kJoule)

Ik heb een fascinatie obsessie voor energieverbruik en cijfertjes. En ik hou dus alles bij, en reken alles uit. Energieverbruik behandel ik integraal: het is niet alleen elektriciteit, maar ook gasverbruik en brandstof voor de auto (voor zover dit geen elektriciteit betreft). Eerder schreef ik al blogposts over het stoken met de airco, de waarde van een warme trui en het brandstofverbruik van een PHEV.

Het belangrijkste aan energieverbruik is het beperken er van. Dit scheelt in kosten, en in CO2 uitstoot. De beste energie is de energie die je gratis krijgt van de zon: die komt elke dag op, en gaat iedere dag onder. Met het langer worden van de nachten, en korter worden van de dagen, koelen de meeste huizen meer af dan ze opwarmen in deze tijd van het jaar.
Neem onderstaande grafiek, ongeveer voor mijn locatie. Op de horizontale as staan de uren van de dag, de verticale as is tweevoudig: de ene is de temperatuur, de ander straling.

Nu pak ik dezelfde grafiek, maar ik stel de comforttemperatuur voor met een rode lijn:

Simpel gezegd: wanneer de blauwe lijn ónder de rode lijn ligt, koelt het huis in principe af. Dit is een grafiek van 12 september, een volledig bewolkte dag. De oranje lijn geeft de straling in Wh per vierkante meter aan. Met wat simplificatie kun je stellen dat je op een vierkante meter glas deze hoeveelheid warmte binnenkrijgt. In dit geval: heb je een raam op het zuiden gedurende die periode? Dan komt er per vierkante meter (in dit geval) 12kwh energie binnen.

Eén klein dingetje: glas is niet transparant. Dan weet je het vast…Een dubbele ruit heeft een lichttransmissie van ongeveer 60%. Je krijgt dus geen 12kwh binnen, maar 7.2kwh. Nog altijd veel!

Hoeveel warmer wordt mijn huis daar van?

In een eerder bericht heb ik al eens gesteld dat mijn woning op de benedenverdieping ongeveer 75.000kg weegt. Om dit op te warmen heb je 313.500kJ aan energie nodig per graad opwarming. Een flinke hoeveelheid, als je bedenkt dat 1kwh 3600 kiloJoule vertegenwoordigt. Op 12 september is er, gedurende de dag, bijna 26.000kJ aan energie binnengevallen, per vierkante meter glas. Nu is mijn raamoppervlakte iets groter, maar niet veel: de meeste van mijn ramen liggen oost en west. Gemiddeld zal het op een dag 4m2 zijn. Dit brengt het totaal op bijna 104.000kJoule.

Hieruit volgt dat mijn woning opwarmt met 0,33 graad (104000/313500).

Helaas is op deze dag de buitentemperatuur lager, dus de werkelijkheid is anders: de woning koelde iets af. Ook al omdat de woning in werkelijkheid op dit moment 24C is.

Maar goed: vandaag (ik schreef dit op 14 september) is het een veel zonniger dag dan afgelopen zondag (12 september, van de grafiek hierboven) en véél warmer. Er komt dus veel zonlicht binnen, maar het is ook warm buiten. Er gaat dus geen warmte verloren naar buiten, maar in plaats daarvan staan alle ramen open om de warmte binnen te krijgen. Hiermee hoop ik de temperatuur op te laten lopen tot boven de 25C.

De buffer en hoe lang deze meegaat

Met een temperatuur van 25C beneden heb ik een aardige warmtebuffer. Onze comforttemperatuur (wij zijn bepaald geen koukleumen) ligt op 18.5C. Dit geeft een “bufferdelta” van 25-18.5= 6.5C. Eerder heb ik al aangetoond dat iedere graad warmer een hoeveelheid energie betekent van 313.500kJ. In totaal is deze warmte van 6.5 graad dus goed voor 2.037.750 kJoule. Dit staat dan weer gelijk aan een goede 566kwh warmte in de muren. Dit staat weer gelijk aan bijna 60m3 gas.

Niet slecht, die gratis warmte!

Hoeveel warmte gaat er ’s nachts verloren?

In dit seizoen staan bij ons vrijwel alle ramen open. In de winter staan er iets minder open (maar hebben we nog steeds voldoende ventilatie). Afgelopen nacht was het ongeveer 8 graden, maar windstil. De temperatuur in de keuken is teruggelopen van 24.1C gisteravond tot 23.4C vanochtend. Een verschil van 0.7C: het stralingsverlies is dus iets meer dan 200.000kJoule per nacht.

Zo lang het overdag ongeveer 20 graden blijft (of de zon schijnt), en ’s nachts niet verder afkoelt (of harder gaat waaien) dan afgelopen nachten, is onze buffer goed voor meer dan 10 dagen warmte.

(geen rekening houdende met het tragere afkoelen bij lagere temperaturen, maar dat is een ander verhaal).

Enfin: als je tot zover gekomen bent: laat de warmte binnen in je huis en hou deze vast!

In de praktijk: het verbruik van een PHEV met lege accu

Zoals eerder geschreven, heeft de Geldsnor de beschikking over 2 auto’s: een volledig elektrische, en een plug-in hybride (PHEV).
En vorige week mocht ik op zakenreis, naar een evenement in het zuiden van Duitsland. Voor de elektrische auto was dit geen écht praktische oplossing omdat mijn EV de mogelijkheid tot snelladen ontbeert. Ritten langer dan 300km duren daarom te lang: ik moet dan stoppen om bij te laden op een relatieve slakkengang. Voor de meeste van mijn ritten maakt dit weinig uit – maar in dit geval wel omdat ik snel op & neer moest: donderdag vertrekken, vrijdag afspraken, zaterdag terug.

De PHEV heeft natuurlijk een accu: ongeveer 10kwh. Dat is in de praktijk een kleine 50km volledig elektrisch. Op een rit van meer dan 750km is dat echter niet genoeg, en onderweg even bijladen is met een PHEV ook geen oplossing. En mijn overnachtingsplek had ook al geen laadpaal.

Maar lieve mensen! Dat schept mogelijkheden! Want nu heb ik volledig empirisch kunnen onderzoeken wat het verbruik is van mijn/een PHEV in de praktijk (vandaar “empirisch”).

Het verbruik: de omstandigheden

Om het verbruik goed te kunnen bepalen, heb je een aantal omstandigheden nodig. Zo moet je weten wat de kilometerstand was bij vertrek, en bij de volgende keer die je tankt. De afgeleide daarvan is (logischerwijs) de afgelegde afstand. Met het aantal liters wat je tankt kun je uitrekenen wat het verbruik was.

De omstandigheden: de rit voerde mij van tankstation Siegburg West aan de A3 in Duitsland tot Augsburg aan de A8. Echter, via Munchen. Aan de hand van de kilometerstand heb ik bepaald dat dit 749km is.
Het was warm, maar niet heet: 27-28 graden, vrijwel windstil en zonnig. Dit betekent airco aan. Verder was het druk, maar vrij weinig file. Tijdens deze rit heb ik een verticale hoogte overwonnen van (netto) eerst 700 meter omhoog tot mijn overnachtingsplek (500km). De volgende ochtend heb ik een “koude start” gemaakt, geparkeerd in Munchen en eind van de dag verder gereden (met vergelijkbare weersomstandigheden). Augsburg ligt nog op de Duitse hoogvlakte op ongeveer 500m boven zeeniveau. Siegburg op 150m en in totaal ben ik dus 350m omhoog gereden.

Dit is relevant: bergop verbruikt een auto veel meer energie dan bergaf.

Verder was de auto tamelijk leeg: er was afgezien van wat lompe spullen geen zwaar gewicht aan boord. Behalve ikzelf (80kg). De auto is een Kia Niro PHEV en mijn rijgedrag is gemiddeld: de tijd dat ik hard wilde rijden ligt vér achter me. De adaptieve cruise control stond ingesteld op 127km/h, maar meestal was dit door drukte al niet haalbaar.

De uitkomst en het wáárom van de uitkomst

Tijdens deze 749 km heb ik 36,62 liter brandstof verbruikt. Dit is een gemiddeld verbruik van 4.88L/100km, of in oude eenheden 1 op 20,49. Dit is een op zichzelf nietszeggend feit: is dit veel of weinig? In het verleden reed ik een aantal andere auto’s op benzine, en die haalden dit verbruik nooit. Maar dit waren vroeger diesels (die haalden het overigens wel) en recenter een Audi A3 (gemiddeld 1:18) en een Volvo V90 (en die reed 1:12).

We moeten dus vergelijkingsmateriaal zoeken, zónder elektrische ondersteuning. Ideaal zijn hiervoor de Japanse achterblijvers: de Nissan Qashqai en Mazda CX3. De afmetingen zijn goed vergelijkbaar: de Qashai is 4cm langer en 8 cm hoger. De CX3 is 8 cm korter dan de Niro, 4cm smaller en 1cm lager.

Dan het gewicht & vermogen. De CX-3 is alleen te krijgen met 2.0 liter motor en deze levert 121pk en 2-6Nm trekkracht. De CX-3 weegt 1159kg.
De Qashqai is ook te krijgen met een 1.3 liter motor (met turbo) en die levert 140pk en 240Nm trekkacht. Dan weegt de Qashqai 1305kg.
De Niro PHEV is een stukje sterker: 141pk en een totaal koppel van 265Nm. Maar het gewicht is door de aanwezigheid van de accu & elektromotor ook een stukje hoger: 1494kg.

Dit gezegd hebbende: het door de fabrikant opgegeven gemiddelde verbruik is voor de CX-3 1:16,1 en voor de Qashqai 1:17,5. Een korte conclusie is dus dat 1:20,49 aanzienlijk zuiniger dan 2 andere auto’s van vergelijkbaar formaat. Weliswaar niet onder gelijke omstandigheden gemeten, maar heeft íemand ooit de fabrieksopgave gehaald?!

Dit dus met een lege batterij. Nu gebiedt de eerlijkheid mij te zeggen dat een PHEV nooit helemaal leeg is: onder een bepaald percentage wordt de elektrische modus uitgeschakeld en is de elektromotor alleen nog maar een hulpmotor. Wat overblijft is het feit dat je met een PHEV zelden of nooit remt. En dat verklaart meteen het verschil:

Een (plugin) hybride remt niet. Waar je bij een normale auto optrekt en remt, verlies je energie, iedere keer dat je remt: de kinetische energie (beweging) wordt via frictie (remmen!) omgezet in warmte. Er worden geen nieuwe benzine druppeltjes gemaakt die terug in de tank vloeien.
Bij een hybride auto gaat dit anders: In plaats van te remmen wordt de elektromotor geactiveerd: deze werkt dan als generator. De kinetische energie wordt niet omgezet in warmte, maar in elektriciteit. Dit is geen 100% efficiency, maar veel gunstiger dan “niets”. Een stukje warmte is onvermijdelijk. Maar om een idee te geven hoe effectief dit is: op de A8 bij Drackenstein daalt de weg ruim 200m af, en dit gaat vrij steil. Op dit stukje regenereert de accu met ruim 10%. Dit levert later dus ruim 5km “gratis” kilometers op.

Terugverdientijd PHEV

We kijken even heel simpel naar de terugverdientijd, wederom in vergelijking met de CX-3 en de Nissan Qashqai. Om het eenvoudig te maken, ga ik er van uit dat je de accu níet oplaadt! Het praktijkverbruik van de Niro PHEV is 17 tot 27% zuiniger.

Dit kunnen we makkelijk plotten:

Hierbij ben ik uitgegaan van vergelijkbare uitvoeringen en een brandstofprijs van 1,88. De CX-3 is in aanschaf het goedkoopst (30700 EUR) en de Niro met iets meer dan 35000 het duurst. De Qashqai zit er tussenin.
Dankzij het lage brandstofverbruik zie je dat de Niro vlak vóór de 200.000km goedkoper begint te worden. Ik besef terdege dat ik hier reken met de aanschafprijs en niet de afschrijving. De aanschafprijs is namelijk een zekerheid en afschrijving is vrijwel zuivere speculatie.

En nu gaan we wél laden

Zo, en nu gaan we uit van een scenario waarbij we wél opladen. Uiteraard hou ik alles bij. En het praktijkverbruik is voor mijn Niro PHEV op het moment 3.2L /100km. Dat is inclusief stukken met aanhanger en caravan. Om dit verbruik te bewerkstelligen heb ik 1259kwh geladen (dat is voor ongeveer 7.000 volledig elektrische kilometers). Met een kilometerstand van 23000 betekent dit dat ik 736 liter en 1259kwh verbruik heb gehad. Voor iedere 10.000km gaat er dus 547kwh in de accu’s. Dat levert de volgende plot op:

Na een kleine 100.000km is het dus goedkoper om een PHEV te rijden – inclusief stroomverbruik en aanschafkosten (exclusief onderhoud & belastingen).

Waarom ik niet jaarlijks overstap van energieleverancier

Op quasi ieder blog over financiën kom je wel een tip tegen om “ieder jaar over te stappen van energieleverancier”. Want dat scheelt toch ó zó véél géld! Tsjonge. Ieder jaar opnieuw die “welkomstbonus” in je zak steken. Maar schiet je er iets mee op? Dat zullen we eens bekijken.

Zoals al wel duidelijk is voor de vaste lezers, hou ik alles vrij nauwgezet bij. Dit is zeker van toepassing op ons energieverbruik. Door de aanwezigheid van 2 elektrische auto’s en veel elektrisch te verwarmen is ons elektriciteitsverbruik hoog, en ons gasverbruik (voor ons type woning) erg laag. Recentelijk hebben we de rekening weer gekregen.

Onderstaand een uitsnede van de rekening. Wat valt op? Juist: het kale tarief is slechts 153,11 EUR. Op een rekening van 802,24 EUR. Slechts 19% van de kosten op rekening is het gevolg van “verbruik”. 27% als ik corrigeer voor de vaste leveringskosten. Het enige wat (in dit geval) Greenchoice aan omzet aan ons heeft, is die 153,11 EUR. Van de 802,24 EUR gaat 192,40 EUR naar de netbeheerder en 456,73 EUR (57%) naar de overheid.

Hetzelfde grapje halen we uit met de elektriciteitsrekening:

Deze is iets complexer vanwege de teruglevering. Netto hebben we 3351kwh verbruikt. Wat Greenchoice aan netto-omzet heeft van ons is de levering, minus de teruglevering: 499,46 EUR levering minus 350,07 EUR aan teruglevering. Totaal: 149,39 EUR. Er vloeit 117,68 EUR naar de staatskas via BTW, opslag duurzame energie en energiebelasting (alles verrekend met Vermindering Energiebelasting).

Maar goed: mijn energieleverancier heeft in dit geval ongeveer 300 EUR omzet van ons gehad. Op welke wijze denkt u dat de “welkomstbonussen” gefinancierd worden? Gezien gratis geld niet bestaat komt het uit de lengte of de breedte. Aan mij gaan ze het niet terugverdienen.

Los van de “overstapbonus” is overstappen zinloos

De tarieven aan belasting staan vast: daar kan geen enkele leverancier iets aan doen. Daar valt dus niet op te bezuinigen. Als een energieverkoper je opbelt hebben ze het wel eens over “10% korting”. 10% van die 300 EUR, dus. Niet op de belastingen: daar kunnen ze niets aan doen. Voor 10% stap ik niet over, al is het maar omdat ik de overstappers niet vertrouw.

Maar de belangrijkste reden om niet jaarlijks over te stappen

Maar bovenstaande is niet de belangrijkste reden om niet over te stappen. Nope. Veruit de belangrijkste reden is dat je met een variabel contract (jaarlijks overstappen is immers variabel) grote risico’s aan gaat. De gasprijs is namelijk sterk aan verandering onderhevig en dit resulteerde recentelijk in consumentprijzen die boven de 1 EUR per m3 liggen.

Ik heb een vast contract, dwz. voor 3 jaar. Momenteel betaal ik 0,21 EUR per kwh elektriciteit, en 0,78 EUR per m3 gas. De goedkoopste aanbieding van dit moment? 0,2659 EUR per kwh en 1,0032 per m3 gas.

De “welkomstbonus” bij dit prachtige pakket is 200 EUR. Wat zou deze overstap mij kosten?
We hebben al gezien dat ons verbruik netto 3351kwh is. 3351 * 0,0569 EUR = 190,67 EUR.
Aan gas verstoken we 747m3, vermenigvuldigt met het prijsverschil = 166,73 EUR per jaar.

In totaal is een nieuwe aanbieder dus 357 EUR per jaar duurder dan mijn huidige leverancier. Als ik een variabel contract gehad zou hebben, dan was deze véél hogere prijs mijn beste alternatief…

En daarom kies ik er voor om níet jaarlijks over te stappen zolang de markten extreem volatiel zijn. We hebben een drie-jarig contract lopen tot 1 oktober 2022. Is de prijs op dat moment erg hoog? Dan nemen we een variabel contract totdat de prijzen lager zijn – zijn de prijzen laag, dan leggen we het contract voor meerdere jaren vast. Met dit vastleggen heb ik al bijna 2 jaar aan “welkomstbonussen” gefinancierd, in slechts 1 jaar.

De afrekening van energie is binnen!

Omdat wij in een augustus zijn verhuisd, komt bij ons de afrekening van de energie binnen in augustus. En zoals ik al eerder heb geblogd: het wordt bijbetalen. Dit komt niet door thuiswerken. Het komt ook niet door de koude periode in februari, en zelfs niet door het koude voorjaar. Nope! Het komt simpelweg door een rekenfoutje van mij!

Wat is er aan de hand? Welnu…ik betaal niet graag teveel aan voorschot. En dus is het scherp berekend. Wij betalen een voorschot van 86 EUR per maand, en dat zou voldoende moeten zijn. Echter, er was een foutje in mijn excel-sheet geslopen…Ik had een aantal cellen verkeerd gekopieerd en de formule niet absoluut gemaakt. Gevolg: de elektriciteitskosten voor 2021 stonden op 0 EUR per kwh. En dat is niet zo handig, want dat scheelt nogal: Huize Geldsnor is vrijwel full-electric en gebruikt dus véél elektriciteit!

Bijbetalen dus. Hoeveel?

Volgens mijn eigen berekening moet ik 248 EUR bijbetalen. Mijn eigen berekening is echter een grove benadering: ik pak het tarief van de nachtstroom en het tarief van de dagstroom, en middel deze uit volgens een simpele 50/50% verdeling. Het nachttarief geldt in mijn regio van 21 uur tot 7 uur (dus 10 uur per dag) en het dagtarief geldt voor 14 uur per dag. Maar in het weekend geldt het lage tarief altijd. Op weekbasis is het dus 70 uur hoogtarief en 98 uur laagtarief (immers, een week telt 168 uur). Een betere verdeling zou dus 42% hoogtarief en 58% laagtarief zijn.

Maar daar eindigt het nog niet: Huize Geldsnor heeft zonnepanelen. En niet zo weinig ook: er liggen er 32 op het dak. En wanneer leveren zonnepanelen de meeste energie? Juist! Overdag, als het hoogtarief geldt.
We hebben 9404 kwh elektriciteit afgenomen van het net, waarvan 33,7% “overdag”, in de dure uren.

Echter, we hebben ook stroom teruggeleverd: meer dan 6000kwh (6053, om exact te zijn). Ons netto verbruik is daarmee 3351kwh, waarvan exact helemaal noppes, niente, nada tijdens de dure uren. En daar is mijn rekensom dus “de mist” in gegaan: mijn tarief wat ik netto betaal is ten alle tijde het láge tarief, en niet het gemiddelde. En dat is een meevaller: We hoeven geen 248 EUR bij te betalen, maar slechts 163,04 EUR.

Analyse: maand-tot-maand

Maar dit is natuurlijk niet genoeg. Want dit is een simpel rekenfoutje. Er valt nog zoveel méér te analyseren: gasverbruik, energie-productie en het elektriciteitsverbruik per maand. Laten we beginnen met dit laatste: het volledige elektriciteitsverbruik van Huize Geldsnor, augustus 2019-juli 2020 vs. augustus 2020-juli 2021.

Vanaf oktober 2019 zie je een flinke toename in het elektriciteitsverbruik. Dit is verklaarbaar: in die maand werd de laadpaal voor onze auto’s geplaatst. Mijn auto rijdt volledig elektrisch, die van mijn echtgenote is een plug-in hybride. Daar kunnen we voor corrigeren (al maakt dat voor de rekening niet uit):

Het plaatje ziet er nu heel anders uit. Augustus & september 2020 leverden een lager verbruik op dan in 2019, maar vanaf oktober zie je het “pieken”. Dit is gedeeltelijk te verklaren door het bijstoken met de airco. Gedeeltelijk zeg ik, omdat je hierin ook de piek van februari en maart ziet. Het was koud, en dat betekende dat er flink elektrisch gestookt is; in februari was het bij tijd en wijle zo koud dat bijstoken met de airco niet efficiënt was. Maar niet alleen dat: we hebben een baby gekregen in februari, en die houden niet van kou. Dus is er meer gestookt op de bovenverdieping, ook met “normale” elektrische kachels. En dat vréét energie.

Je kunt ook zien dat het verbruik in juni het vorige jaar veel lager lag: we waren toen op vakantie in juni. Nu waren we in juni niet op vakantie en hadden we te maken met een hittegolf. Om de slaapkamers leefbaar te houden (die van ons & babydochter) en mijn kantoor werkbaar, resulteerde dit in een hoger elektriciteitsverbruik dankzij de airco.

Flink lagere PV-opbrengst

De periode augustus 2019-juli 2020 was een uitzonderlijk zonnige periode, vergeleken met augustus 2020-juli 2021. De zonnepanelen zijn echter geplaatst eind september 2019, waardoor dit beeld een beetje vertekend is. Bij een like-for-like vergelijking (dus dezelfde maanden), dan is het verschil 548kwh. Dat er een goede opbrengst zou zijn in augustus en september was natuurlijk wel meegerekend in de excel-sheets, en gelukkig had ik ook niet gerekend met een grote opbrengst in het voorjaar. Want 548kwh verschil is een dikke 120 EUR.

The Elephant in the Room: gasverbruik

Maar we hebben natuurlijk ook het fenomeen “gasverbruik”. Wij stoken nog op gas, al is dit relatief weinig.
In absolute zin hebben we 310m3 gas minder verstookt in de afgelopen winter in vergelijking met de winter ervoor. Ik zeg bewust winter, omdat duidelijk te zien is dat het zomerverbruik er nauwelijks toe doet: 87% van al het gasverbruik lag in de periode 2019-2020 in het winterhalfjaar (oktober t/m maart). Door het veranderde stookgedrag (airco) is dit relatieve aandeel afgenomen tot 79%.

Maar bovenstaande zijn slecht “absolute” getallen. Die zijn ook het belangrijkst, want die bepalen de rekening. Maar het zegt weinig over het echte stoken…! Immers, we hebben de variatie van “het weer” en die is groot. Daarom reken ik alles uit in m3 per graaddag. En dankzij het stoken met de airco is dit flink gunstiger dan “vroeger”. In absolut getallen hebben we 30% minder gas verbruikt. Maar in graaddagen is dit verschil groter: 46.6% minder gasverbruik.

Om dit concreet te maken: als we niet met de airco gestookt zouden hebben, was ons gasverbruik geen 733m3 geweest. Ons gasverbruik was dan 1100m3 geweest (+5.4%). In totaal heeft het stoken met de airco dus 367m3 voordeel opgeleverd.

Is het nog steeds goedkoper om te stoken met de airco dan op gas?

Met bovenstaande gegevens en een aantal aannames zal ik uitrekenen of het nu nog steeds een goed idee is om te stoken met de airco en minder met gas.

We nemen de 367m3 voordeel. Een kuub gas kost mij 0,78 EUR. Dat betekent dat het voordeel 286 EUR is geweest. Vervolgens gaan we kijken naar het extra elektriciteitsverbruik.
In de periode november t/m mei is het stroomverbruik 2805kwh hoger geweest. Dat kost 589 EUR. 303 EUR dúúrder dus!
Maar dit is niet helemaal een eerlijke vergelijking, vermoed ik zomaar. Omdat de maanden flink kouder waren, is het op de bovenverdieping ook kouder geweest. En omdat we boven alles elektrisch warmstoken (elektrische vloerverwarming in badkamer, elektrische radiator in badkamer) scheelt het nogal veel tov. warmere jaren. Ook gooit “de baby” hier roet in het eten (alleen qua filtering van de resultaten, het is een schatje en iedere cent meer dan waard uiteraard!). Dankzij haar zijn we langer bezig in de badkamer en met hogere temperaturen.
Maar natuurlijk wordt er ook véél meer gewassen en gedroogd met zo’n kleintje er bij. Ze spuugt niet alleen zichzelf onder, maar ook ons. Slabbetjes worden vies, extra washandjes en handdoeken zijn nodig. Niets geks als hier de wasmachine elke dag draait. Bovendien was ook Lieftallige Echtgenote veel thuis dankzij haar zwangerschapsverlof.

Kan dit het verschil verklaren? Wellicht wel: de vloerverwarming heeft een vermogen van 1000W en de andere kachel 2000W. De vloerverwarming heeft een tijdschakelaar en springt om 12 uur aan, zodat in de avond de vloer warm is. Na 19u gaat deze weer uit. Wel of geen gebruik maken van de badkamer maakt niet uit. Maar de elektrische kachel zetten we alleen aan als we er zijn. En zeker toen ze een echt kleintje was, scheelde het denk ik 1kwh per dag. En ook elders boven hadden we meer verwarming nodig door de relatieve kou. Het wassen (& drogen) scheelt 2-3kwh per dag…
In de periode sinds Baby er is, schat ik dat we een kleine 600kwh extra verbruikt hebben, slechts vanwege haar aanwezigheid.

We gaan het dus goed bij moeten houden. Maar er is meer dan geld. Er is ook iets als “CO2-uitstoot”. Als ik uitga van 2205kwh (2805, met de “baby-correctie” van 600kwh), dan leverde dit een bijdrage van 706kg CO2 uitstoot op (de Nederlandse “grid” was gemiddeld 320g/kwh). Het uitgespaarde gas leverde een compensatie van 694kg op. Nóg een reden om het goed in de gaten te houden.

Maar goed, dat doe ik sowieso 😉

“Help! M’n zonnepanelen produceren niet want de omvormer gaat uit!”

Recentelijk las ik een “huilie-huilie” artikele van een meneer in Gelderland die voor tienduizenden euro’s zijn huis had verbouwd en zonnepanelen er op had gelegd, maar de elektriciteit niet altijd kon terugleveren. Want het net was te zwak en zijn 36 panelen leverden samen met de buurt soms teveel spanning om terug te kunnen leveren. Liander (de netbeheerder daar) moest het net maar snel verzwaren, want hij was ernstig gedupeerd.

Ik snap hier niets van: ten eerste zijn die tienduizenden euro’s volledig irrelevant. Slechts 10.000 betreft de zonnepanelen en de rest van de aanpassingen in de woning hebben niets te maken met het “probleem”.

Maar ook: je hebt zonnepanelen om te voorzien in je eigen stroomverbruik. Wat je over hebt, dat lever je terug. Veel terugleveren is geen doel op zich en zelfs laakbaar als je kijkt naar motieven die niet financieel gedreven zijn.

En als jij een probleem veroorzaakt, waarom moeten wij (de maatschappij) dit dan oplossen voor jou? Want de oplossing is tamelijk simpel en het woord “netverzwaring” komt NIET voor in de oplossing!

Ons elektriciteitsnet: complex doch simpel

Elektriciteit zoekt net als water de weg van de minste weerstand. Voor water geldt dat dit altijd omlaag stroomt, bij elektriciteit vloeien de ionen van de plus naar de min. Het Nederlandse (en Europese) stroomnetwerk is 230 volt (+115V / – 115 V, ofwel spanning. Dit wisselt iedere 0.02 seconden, ofwel 50 hertz = frequentie).

Om elektriciteit terug te kunnen leveren op het netwerk heb je een spanning nodig die groter is dan het netwerk. Op dit moment levert mijn omvormer 235 volt. Dit voltage is belangrijk. Elektriciteit laat zich moeilijk opslaan en daarom moet aanbod en vraag altijd met elkaar in overeenstemming zijn. Omdat de productie niet per seconde kan wijzigen, kan het voltage iets fluctueren. Dat is volledig normaal.

Dit mag zelfs behoorlijk fluctueren: plus en min 10 procent. In andere woorden: de spanning op het netwerk ligt op 230V +/- 10%, ofwel tussen de 207 en 253 volt.

Omvormers schakelen zich uit ter beveiliging

Alle goedgekeurde omvormers hebben een ingebouwde beveiliging: boven de 251 volt schakelen zij zichzelf uit. Dit om schade aan apparatuur te voorkomen. Immers, alle apparatuur in je huis is ook goedgekeurd op 230 V +/-10%. Een te hoge spanning leidt tot schade of zelfs brand.

Maar hier zit ook de crux: de spanning loopt hoger op als er meer zonneschijn is en er meerdere aanbieders zijn. De omvormers zullen continu op zoek gaan naar het laagst mogelijke voltage wat nét hoger ligt dan het netwerk. En als er dus veel omvormers zijn én een hoog vermogen, dan loopt de spanning steeds hoger op. Tot de eerste moet uitschakelen.

De oplossing is zó simpel! En: gratis!

De oplossing is vreselijk eenvoudig: op het moment dat de zon schijnt moet je elektriciteit gaan verbruiken. Tamelijk eenvoudig toch?

Maar veel zonnepaneelbezitters hebben er geen weet van. Of er is zelfs een financiële prikkel om terug te leveren, dankzij het salderen. Of in ieder geval is er geen prikkel om het zelf te verbruiken. Elektriciteit die je teruglevert wordt afgetrokken van wat je gebruikt en er blijft een netto verbruik over.

Dus: 1000kwh teruggeleverd in de zomer en 1000 gebruikt in de winter levert een resultaat op van 0kwh.

De recorddag van mijn systeem: meer dan 8500W vermogen, 65kwh opbrengst. Teruggeleverd: 23kwh.

Maar goed: verbruiken dus. Huize Geldsnor beschikt ook over 36 zonnepanelen. En de hele buurt heeft eigenlijk zonnepanelen. Maar het probleem van uitvallende omvormers hebben wij hier nog niet meegemaakt. Dit komt door een aantal factoren: veel mensen in mijn buurt zijn gepensioneerd en zij die het niet zijn werken thuis. En ook de school van ons dorp zit hier op dezelfde “schakelkast” en heeft geen zonnepanelen.

Vooral in het weekend dreigt de spanning wel eens op te lopen: het hoogste wat ik gezien heb was laatst 248 volt. Randje uitval dus! Oplossing? Mijn auto was leeg en die heb ik laten opladen vanaf 13:30 tot 16:30 op vrijwel maximaal vermogen. De spanning liep terug naar 238V, ruim binnen de marge. In dit geval was de elektrische auto de oplossing.

Andere oplossingen

Niet iedereen heeft een elektrische auto uiteraard. Maar er zijn andere oplossingen. Het is vooral omdenken: elektriciteit verbruiken op het moment dat je het produceert. Wasmachines, drogers en vaatwassers laat je dus niet ’s nachts draaien. In onze badkamer hebben we elektrische vloerverwarming: die is zo geprogrammeerd dat deze om 12 uur aan gaat en om 19 uur uit. Dit om te zorgen dat er zoveel mogelijk stroom verbruikt wordt op het moment dat we het maken.

Onderstaande plaatje komt van energieopwek.nl en is de productie van zonnestroom op 21 juli 2021. De piekvraag van elektriciteit is ongeveer 18GW. Overdag kwam dus ~40% van alle elektriciteit uit zonne-energie.

Dát is het moment om stroom te gaan verbruiken. En zéker niet vroeg in de ochtend of in de avond. Want ’s ochtends is er nog geen productie, maar wel veel vraag. En ’s avonds loopt de productie snel terug, maar de vraag naar elektriciteit op.

Conclusie: als je heel veel zonnestroom hebt in de buurt en je omvormer valt uit? Verhoog je verbruik. Draai een wasje, vul de vaatwasser en zet ‘m aan. Stel je verbruik uit tot “midden op de dag”, of trek het naar voren. Laadt de auto op (indien van toepassing) als de zon schijnt, ga stofzuigen of kook met de oven.

Koken: met de oven of de pan?

In Huize Geldsnor houden we van lekker eten & koken. Maar ook van efficiency en het milieu. Zo eten we vaak, maar lang niet altijd, vegetarisch. En ik heb nog wel eens een “druk” schema aan het eind van de middag: mijn zoon zit op woensdag bijvoorbeeld op de BSO en tussen 17:30 en 17:45 moeten we de “meisjes” ophalen: mijn dochters op de kinderopvang.

Dat is precies rondom mijn kookmoment. En het is gewoon erg prettig om het eten klaar te hebben als ik thuiskom. Lieftallige Echtgenote is op di-wo-do áltijd laat thuis, dus ik leef dan als gescheiden man zorg dan voor het gezin. Werkwijze: zorgen dat ik zo min mogelijk pannen gebruik en een groot deel van de maaltijd in de oven kan. Bijvoorbeeld een quiche, lasagne, of gewoon aardappels en vlees(vervanger) wat in de oven kan.

Is dat nu zuinig, met de oven koken?

Het voordeel van met de oven koken is evident: ik kan het in de oven zetten en vertrekken. Als ik 30 minuten later thuiskom met 3 hongerige kinderen trek ik de ovendeur open en schuif ik ze aan tafel. Een pan laat je (ik in ieder geval) niet op het fornuis staan!

Ook komt er geen fijnstof aan te pas en hoeft de ellendige afzuigkap niet aan. (Ik kan niet wachten tot de nieuwe keuken komt)

En natuurlijk heb ik het een en ander uitgezocht. Want ik hou van rekenen, en ik hou alles bij. Zo weet ik bijvoorbeeld dat het bakken van 2 eieren in mijn kleine koekenpan 19 liter gas kost. In kwh omgerekent is dat ongeveer 0,186kwh. Kosten? 0,014 EUR aan gas. Dit staat gelijk aan “verwaarloosbaar, who cares!”.

Bij het uitgebreidere koken staan er méér pannen lánger op het vuur. Van de week hadden we sperziebonen (gedeeltelijk weer uit eigen tuin), aardappels en een vleesvervangende “hamburger” (vivera, lekker!). Gasverbruik om dit gerecht gereed te maken? 0,171 m3 gas (13 cent). Ofwel: 1,67kwh energie (1m3 gas bevat 9,8kwh warmte).

En hier wordt het interessant. Hadden we niet beter de aardappelen en de burgers in de oven kunnen gooien? Stel dat de boontjes 40% van het gasverbruik waren (de burgers zijn immers zo klaar), dan zijn de andere 2 pannen goed voor 0,1026m3- gas (ongeveer), ofwel 1kwh.

Het opwarmen van de oven kost 5 minuten op maximaal vermogen (3500W): 292wh. En die blijft een half uur aan staan (aardappeltjes mogen best lekker gaar worden!). Maar dan hoeft de oven alleen maar warm te blijven. Verbruik: minder dan de helft van het nominale vermogen (2600W, dus 1300W), maal 30 minuten= 650wh. Totale verbruik is hiermee 941wh.

Da’s toch bijna geen verschil!

Da’s toch bijna geen verschil, hoor ik je denken. En misschien is dat ook wel zo. Of misschien ook niet. Voor mij is het exemplarisch voor de tijdgeest: het is een besparing van 6,2% aan energieverbruik. Kijk eens hóevéél moeite er gedaan wordt om 6% meer duurzame energie te produceren! Terwijl je met zoiets simpels (en zoiets kleins, mea culpa) al 6% kunt “verdienen”.
Natuurlijk zit er een grote aanname in (namelijk: hoeveel procent van de energie was er voor het koken van de boontjes?). Maar 6% minder energie is toch mooi?

In kosten schiet het overigens niet op: 0,1 kuub gas kost iets minder dan 8 cent. En 1kwh elektriciteit al snel 2,5x zoveel. 20-23 cent, ongeveer. Gelukkig zijn die kosten sowieso vrij laag, en levert het me wel een hoop gemak op!
En minder energieverbruik!