Een uur eerder naar bed: wat kost Jinek kijken?

Vorige week keek ik een keertje “Jinek”. Doorgaans komt dit te laat voor mij (ik ga tegen 22 uur naar bed, uiterlijk). Maar dit keer keek ik wel. En ik kon het niet laten: wat kost het eigenlijk om dit te kijken?

Het gaat in mijn geval dan met name om elektriciteitsverbruik. Ons huis is altijd ongeveer even warm door de vloerverwarming en thermische massa. Maar ik gebruik wel elektriciteit!

Lees “Een uur eerder naar bed: wat kost Jinek kijken?” verder

Wat kost (mijn) koffie?

Koffie. Heerlijk. Ik hou van koffie. Van “echte” koffie (lees: espresso) na een lekkere maaltijd, of cappuccino als Lieftallige Echtgenote die maakt (zij vindt dat leuk, maar drinkt het zelf niet). Maar meestal drink ik filterkoffie. Dit is een bewuste keuze: de milieuverwoestende toestanden van een Nespresso-achtige machine kan ik niet over mijn hart verkrijgen. Zelfs elders weiger ik het te drinken. De stupiditeit van de aluminium cupjes, te weinig inhoud, teveel keuze en véél te duur. Senseo vind ik niet lekker. Dus: filterkoffie.

Lees “Wat kost (mijn) koffie?” verder

Wat kosten kinderen

Kinderen kosten geld. Ze leveren, bij ons in ieder geval, ook veel levensvreugde op. Het is zelfs de belangrijkste motivator voor mij om zoveel mogelijk financieel onafhankelijk te zijn: het doel is om alle vakanties vrij te zijn en alleen te werken als de kinderen op school zitten of naar de opvang zijn / Lieftallige Echtgenote thuis is. In de praktijk betekent dit dat ik streef naar een werkweek met maandag & vrijdag als volle werkdagen en dinsdag t/m donderdag als werkdagen van 8:30 tot 14:00.

Maar kinderen kosten dus geld. Wat ze opleveren aan levensvreugde laat ik buiten beschouwing. Maar hoeveel geld kosten kinderen? Ik neem hiervoor mijn ervaring uit mijn eigen praktijk: 2 kinderen, met een eigen slaapkamer, kosten voor luiers, eten, sporten, energieverbruik, kleding, kinderopvang en kinderbijslag.

Lees “Wat kosten kinderen” verder

Vaste lasten: ons percentage

Volgens het Nibud geldt het volgende mee in de vaste lasten:

huur/hypotheek, gas, elektriciteit, water, lokale lasten, telefoon, televisie, internet, verzekeringen, onderwijs, kinderopvang, vervoer.

Uiteraard is hier het nodige op af te dingen, maar naar aanleiding van een blogpost van “vanhernaarhot” dacht ik toch eens leuk om uit te zoeken. Hieronder dus mijn tabelletje, voor de vaste uitgaven als percentage van ons inkomen:

Hypotheek: 15,7%
G/E/W: 1,4%
Lokale heffingen: 1,4% (wordt in 10 termijnen betaald, dit is per maand)
Telefoon: 0,4%
Verzekeringen: 1,8%
Kinderopvang: 14,7%
Televisie & internet: 0,7%
Vervoer: 8,7%

Nibud: >50% van maandelijks budget gaat op aan vaste lasten

In totaal gaat 44,7% van al ons inkomen op aan “vaste lasten”. Dat is dus ruim onder de door het Nibud gestelde “50%”. Een groot deel van onze vaste lasten wordt bepaald door de hypotheek & kinderopvang. De hypotheek vind ik overigens lastig om op deze manier mee te nemen. Een gedeelte is aflossing (5,7%), en voor een ander deel krijgen we hypotheekrente-aftrek (die ik overigens meereken in het inkomen). De hypotheek is wel een kostenpost waar we niet onderuit kunnen. In dit geval telt de aflossing dus mee in de vaste lasten, maar óók in ons spaarquote.
In het geval van “vervoer” is me niet helemaal duidelijk wat het Nibud allemaal meerekent. Ik heb brandstofkosten niet meegerekend, enkel de vaste lasten van de auto. En gezien dit een private-lease auto betreft (tsja, niet al onze beslissingen zijn even zinvol op financieel gebied), zit hier alles in qua verzekeringen, afschrijvingen, wegenbelasting etc.

Goedkoper verzekeren: Deck

Verzekeringen zijn belangrijk: in ieder geval voor de dingen die regelmatig terugkeren en voor gebeurtenissen waarbij potentiële schade desastreus is. Denk in de eerste categorie aan rechtsbijstandsverzekering en reisverzekeringen en bij de tweede categorie aan aansprakelijkheid, opstal en inboedel (al is die laatste wat mij betreft discutabel).

Ik had al mijn verzekeringen vorig jaar overgesloten bij het kopen van onze nieuwe woning: alles bij Nationale Nederlanden (via ING), behalve de reisverzekering. Dit was een pakket van aansprakelijkheidsverzekering, rechtsbijstandverzekering en woonverzekering (opstal & inboedel. Mijn reisverzekering verliep via een online verzekeraar. De totale kosten voor dit pakket: 67.70 EUR per maand, ofwel 812.40 EUR per jaar.

Via een ander FIRE-blog kwam ik de optie van “Deck” tegen. Sceptisch als ik ben, ben ik eens gaan kijken. Flink nader onderzoek gedaan: waar liggen de risico’s afgedekt (wie is de werkelijke verzekeraar, bleek gewoon NN te zijn), wat zijn de polisvoorwaarden (gelijk)?

Eigenlijk blijkt de filosofie van Deck vrij eenvoudig: ze verzekeren de grote bedragen en dus niet de kleine. Zonnebril verloren? Vette pech. Lekkage? Repareren. Eigen risico? Vanaf 500 EUR, oplopend tot 1000 EUR (als je dat wilt). Uitgezonderd rechtsbijstandverzekering (eigen risico 0 EUR).

Gewikt. Gewogen. Overgestapt. Wij hebben gekozen voor eigen risico’s van 500 EUR per verzekering en gekozen voor een jaarpremie (2,5% korting): 602,50 EUR!

Het hele proces kostte wellicht een uurtje in uitzoekwerk (polissen vergelijken). Besparing: 209,90 EUR per jaar. Tip: zoek het uit voor jezelf!

De zin & onzin van index-beleggen

Index-beleggen is het toverwoord wat je veelt tegenkomt in de wereld van beleggers. Het staat synoniem voor diversificatie, lage kosten en een gemiddeld betere prestatie dan professionele geldbeheerders.

Index-beleggen betekent namelijk zoveel als het volgen van een index: een samenstelling van geselecteerde fondsen zoals we dit bijvoorbeeld kennen als de AEX-index, AMX, S&P 500, Dow Jones Index etc. Deze indices zijn vaak indicatief voor de stand van de economie als geheel, althans dat wordt vaak gedacht.

Exchange-Traded Funds: passief & actief beheerd

Op de beurs kun je zogenaamde “Exchange-Traded Funds” (ETF’s) kopen. Deze ETF’s zijn zo samengesteld dat zij bepaalde indices of markten volgen. Er zijn actief beheerde ETF’s en passief. Bij actieve ETF’s is er een fondsmanager die bepaald welke aandelen er voor hoeveel geld gekocht moeten worden op welk moment. Deze fondsmanager is kundig & vaardig, maar heeft geen glazen bol én kost geld.

Een passief beheerd fonds heeft geen fondsmanager die keuzes maakt: het fonds volgt een index. Wat de fondsmanager moet doen, is zorgen dat de ETF gevuld is met dezelfde verhouding aandelen als de gevolgde index. Dit is eenvoudig en volledig te beheersen met computers. Gevolg; de kosten zijn erg laag (vaak lager dan 0.1%).

Lees “De zin & onzin van index-beleggen” verder

Levenlangleren-krediet & studeren

Doorgaans heeft het investeren in je competenties (ofwel “studeren” of “scholing”) een positieve invloed op het verloop van je carrière en daarbij behorende inkomsten en/of vrijheden. Je krijgt meer kansen, hebt meer kennis en meer keuze in wat je wel of niet wilt doen. Zelf heb ik vorig jaar (2020) een (dure) studie aan een particuliere universiteit in Nederland gevolgd. Kosten: ruim 32.000 EUR in 2 jaar.

Lees “Levenlangleren-krediet & studeren” verder

Gasverbruik: de waarde van een warme trui

Ik woon diep in de binnenlanden van ons kikkerlandje. De openslaande tuindeuren staan wijd open en voor het eerst in twee weken staat de airco uit. Het is dus nauwelijks voor te stellen, maar het stookseizoen komt er toch echt weer aan! De grens waar het stookseizoen begint is afhankelijk van het weer (zowel temperatuur, zonneschijn en windsnelheid), mate van isolatie en de gewenste binnentemperatuur. Maar ook de thermische massa speelt een rol.

Lees “Gasverbruik: de waarde van een warme trui” verder

Hypotheek: wel of niet (vervroegd) aflossen?

De hypotheek. Voor veel mensen een vrij grote terugkerende post in hun financiën. En een veel besproken onderwerp onder FOWO’s (Financieel Onafhankelijk, Werk Optioneel). Het heeft namelijk een grote aantrekkingskracht om schuldenvrij te zijn, maar aan de andere kant is de rentelast erg laag. Ik probeer er in dit artikel achter te komen wat ik er zélf van vind, aan de hand van werkelijke getallen.

Lees “Hypotheek: wel of niet (vervroegd) aflossen?” verder

De eenvoudige rekensom van financiële onafhankelijkheid

Dit is een vrije vertaling van hét meest invloedrijke FI-blogbericht ter wereld van Mr. Money Mustache (MMM) himself: “The Shockingly Simple Math Behind Early Retirement“. Via de link kom je bij het oorspronkelijke bericht.

Volgens MMM gaat het maar om 1 ding: je Savings Rate. Je savings rate is een functie van hoeveel je verdient en hoeveel je nodig hebt om te leven. Als je 100% uitgeeft van wat je verdient, dan kun je nooit stoppen met werken. Zoals velen, leef je van maand naar maand. Spaar je 10%, dan heb je na een jaar werken voldoende middelen om dit leven een maand voort te zetten zonder te werken. Een buffer van 6 maanden kost op deze manier dus ongeveer 6 jaar om op te bouwen.

Spaar je 30% van je inkomen, dan kost het opbouwen van die buffer aanzienlijk minder tijd! (namelijk 22 maanden). Als je 50% spaart, dan kost het opbouwen van een buffer van 6 maanden…6 maanden!

Zodra je begint te sparen, kan het geld dat gespaard wordt (geïnvesteerd) aan zijn reis beginnen om passief geld voor jou te verdienen, en het verdiende geld verdient opnieuw geld.

Er is een addertje. Een positieve, dat wel.

Waar is het addertje, zat je al te denken? Het addertje is eigenlijk een lieve kleine puppy. Of whatever de analogie hier zou zijn. In deze rekensommen maakt het namelijk niet alleen uit of je meer gaat verdienen, maar ook of je minder uit gaat geven.

Neem Klaas. Klaas verdient 2000 EUR netto en geeft 1800 EUR uit per maand. Hij spaart keurig 200 EUR per maand (10% van zijn nettoloon). Hij moet 10 maanden werken (10*200 EUR) om 1 maand van zijn uitgaven vol te houden (en weer 200 EUR te sparen). Maar, Klaas heeft hard gewerkt, en maakt promotie! Klaas gaat nu 2400 EUR per maand verdienen. Klaas is een slimmerik: hij geeft geen cent extra uit! Hij spaart nu 600 EUR van zijn loon van 2400 EUR (da’s dus 25%). In 4 maanden heeft Klaas voldoende opzij gezet om zijn uitgaven te bekostigen – inclusief het sparen.

Niet slecht van onze Klaas! Maar, stel het volgende voor. Klaas heeft geen promotie gemaakt. De meeste mensen maken nauwelijks of geen promotie in hun leven en moeten het hebben van CAO-verhogingen die de inflatie wel of niet bijhouden. Klaas besluit samen te gaan wonen. Een aantal kosten wordt nu gedeeld met zijn partner. Klaas verdient nog steeds 2000 EUR, maar geeft nu nog maar 1400 EUR uit. In euro’s is dit verschil gelijk: 400 EUR meer verdienen of 400 EUR minder uitgeven is allebei 400 EUR.

Toch? Of toch niet?
Klaas spaart nu 600 EUR van zijn 2000 EUR netto. Dat is 30%. Om zijn deel van de rekeningen te betalen, hoeft Klaas nu maar 2 maanden en iets meer dan een week te werken. Minder uitgeven werkt dubbel: je spaart meer, maar je hoeft ook minder uitgaven af te dekken. Dát is de simpele rekensom achter financiële onafhankelijkheid: kosten laag houden en inkomsten maximaliseren.

(Let op: het gaat hier niet alleen om sparen. Het geld wat je overhoudt is niet alleen om te “sparen”. Rente levert niets op. Zodra je dus je veilige marge hebt bereikt, kun je geld gaan beleggen. Het gaat hier dan ook niet om de Nibud-definitie van sparen, die zoveel inhoudt als dat je geld reserveert voor toekomstige uitgaven. Dat is weliswaar heel slim én goed om te doen, maar voorkomt slechts negatieve verrassingen.)