The Biggest Little Farm

Geldsnor!

Geldsnor is niet zo’n televisiekijker en als ik niet gratis een Netflix account zou delen (dwz., in ruil voor iets van ons), dan zou ik zéker niet Netflixen. Maar, dat hebben we dus wel.

En gister heb ik iets gekeken, waar mijn hart wel sneller van ging kloppen. The Biggest Little Farm. Het gaat over een stelletje wat vanuit LA besluit een boerderij te kopen, en hier biologisch te gaan boeren. Enorm inspirerend, moet ik toegeven. Zonder spoilers te geven: ze vinden een stuk dode grond (een oude boomgaard) en gaan hier met hard werken, veel moed en (te verwachten) tegenslagen aan de slag.

Voor alles wat ze doen, biedt de natuur uiteindelijk een oplossing. Ik vond het prachtig. Enorme droogte was vervelend, maar voor hen geen ramp. En toen de grote regenbuien kwamen (428mm neerslag in een paar dagen) spoelde bij alle buren de bovenlaag weg – maar dankzij hun keuzes niet en werd het water opgevangen.

Doet me denken aan de tegeltuintjes hier om mij heen (al valt het hier in de buurt mee, er zijn maar weinig mensen die een tuin van een paar honderd vierkante meter volledig betegelen). Het doet me ook denken aan ons eigen tuin. De vorige eigenaren hebben overal te pas en te onpas gif gebruikt. Wij doen dit pertinent niet, nergens, nooit, zonder uitzondering. En wat blijkt? Ook op kleine schaal werkt het.

De vogels zijn hier druk doende met het “opruimen” van allerlei insecten, regenwormen en rupsen. Ook de padden dragen hun steentje bij, samen met egels en spitsmuizen om de slakkenpopulatie onder controle te houden.

Een sperwer vliegt af en toe door de tuin, op zoek naar vogeltjes om te eten (wat ook wel eens lukt) en ’s avonds vliegen de vleermuisjes rond om het overschot aan muggen en motten op te eten.

Des te langer wij hier wonen, des te meer “natuur” wij krijgen op onze “postzegel”.
Goed, terug naar de grootste kleine boerderij: ze hebben meer dan 10 jaar gefilmd. En de transformatie is prachtig. Diepe bewondering, en heimelijke jaloezie, maakten zich van mij meester. Een kleine (grote) Netflix-tip dus!

Snor

De Geldsnor, kortweg "De Snor", is een blogger die zich ergens in het midden van zijn 30-ers bevindt. Getrouwd, meerdere kinderen, werkzaam in een boven-modale functie ontdekte hij in oktober van 2019 Het Begrip: Mr. Money Mustache. Nadat hij ALLES gelezen heeft wat MMM gepost heeft, kwam het idee om zelf te bloggen: wat is er in Nederland bereikbaar, in hoeverre wijkt onze positie af van de Amerikaanse mogelijkheden? En wat schetste zijn verbazing: ondanks het feit dat MMM een begrip is, een legende, 1 van de Grote Grondleggers van FIRE, was de website "Geldsnor.nl" nog beschikbaar. Deze naam is een geuzentitel, een eerbetoon zo u blieft.

8 gedachten over “The Biggest Little Farm”

  1. Herenboeren in mijn buurt hebben moeite met deze film, omdat de stadsbewoners echt geloven in dit sprookje.
    Niet alles klopt. Zeker niet. Maar een leuke film is het.

    1. Zeker zal niet alles kloppen. Maar dat grond uitgeput raakt, en dat alles uiteindelijk in balans raakt is een feit. Waar moderne boeren (mijn zus is er zo een…) zelf geen kaas van hebben gegeten. Ze spuiten liever alles dood met glyfosaat, of pesticides om vooral geen kevertjes te krijgen.
      Maar uiteraard is het een zeer sterk geromantiseerde weergave 🙂

  2. En je kunt nog zo groen proberen te zijn, als de omgeving niet meewerkt lukt het gewoon niet. Ik woon in een groene omgeving maar vlak bij een grote visvijver die de bruine rat aantrekt. Tel daar een marter bij op, ja dan weet je het wel. Weinig vogels in mijn directe omgeving, gelukkig wel voldoende insecten.

  3. Doet me beetje denken aan “The good life” en “To The Manor Born” oude tvprogrammas van de BBC. Comedy…over een lord&lady en hun geitenwollensokkenburen.(gratis,op youtube)

  4. Die heb ik laats ook gekeken, erg leuk (inderdaad deels geromantiseerd). Onze tuin was ook een grote verarmde warboel. Door jarenlang verzorgen, composteren is het nu enorm gezond geworden. Alleen kost het wel wat werk en tijd.

    Ondanks dat het geromantiseerd is, moet je eens opletten hoeveel stukken land een oranje gloed hebben (kankerverwekkende glyfosaat) en waarom op sommige stukken land nooit onkruid groeit, terwijl je in je eigen tuin blijft snoeien. Dan heb ik liever wat natuurlijkere gewasverbouwing.

    1. Of de minder bekende groene woestijnen: het zo gewaardeerde Nederlandse polderlandschap. Volledig dichtgegroeid met Engels raaigras. Geen kruiden die er doorheen groeien, geen paardebloemen, madeliefjes of andere plantjes. Dus ook minder weidevogels, ongeacht of je nu wel of niet maait in het voorjaar.
      Hier in de omgeving zie ik ook regelmatig glyfosaatvelden. Heb er ook wel eens een boer op aangesproken. Veel verder dan wat gebazel en gestamel komen ze dan niet. Het kan ook prima zónder glyfosaat.
      Of andere gifsoorten. Laat ik het zo zeggen: mijn buren die wel gif gebruiken (voor alles) hebben een stuk meer werk aan de tuin dan ik. Slakkenkorrels, pesticides, kunstmest. Allemaal niet nodig als je een natuurlijker tuinbeleid voert zonder monoculturen.

  5. Een beetje vergelijkbaar en ook heel inspirerend en leuk om te bekijken: de video’s op youtube over Project Kamp, dat nog wel in de beginfase is. In dit geval gaat het over een jong stel (de man is Nederlands) die – soms met hulp van geestverwanten – een na bosbranden volkomen vervallen boerenbedrijf in Portugal willen revitaliseren, om daar een duurzaam leven op te bouwen. De inzet en werkkracht van deze mensen zijn werkelijk ongelofelijk.

Reacties zijn gesloten.